Agenda 2026

In juli en augustus géén bijeenkomst
2 september Martin Schuurmans: Paranormale verschijnselen
7 oktober Theo Voorn: Gehoorapparaten
4 november Gert van Dijk: titel volgt
2 december nog onzeker.

Blogarchief

zondag 16 mei 2010

Longcarcinoom en stagering van het mediastinum.

dr. W. van den Berg, longarts CWZ.

Voordracht op 5 mei 2010 voor VOMS

Longca kwam lange tijd het meest bij mannen voor; de laatste jaren echter het meest bij vrouwen. De oorzaak hiervan is, dat longca X-linked is (vrouwen hebben 2 X chromosomen ) en hierdoor gemakkelijker een longcarcinoom kunnen krijgen zonder te roken. Bovendien zijn vrouwen meer gaan roken. Bij mannen wordt het ca bij 86% veroorzaakt door roken. Tov. niet-rokers hebben rokende mannen 22 x, vrouwen 12 x meer kans op het ontstaan van een longca. Rookverslaving is genetisch bepaald.

De diagnose wordt gesteld op de symptomen ( kriebelhoest, verandering van hoest-karakter, pijn, dyspnoe, hemoptoë, heesheid, spontaan stoppen met roken) , lichamelijk onderzoek: asymmetrie in fysische bevindingen, X thorax, PET-CT→20% minder longoperaties), bronchoscopie, blinde Transbronchiale Naald Aspiratie (TBNA), medische mediastinoscopie (EBUS), chirurgische mediastinoscopie.

We onderscheiden plaveiselcel Ca , adenoCa, kleincellig Ca, grootcellig Ca, bronchiolo-alveo-lair ca en bijzondere tumoren.

Therapie: Resectietherapie (18%). Pneumectomie , lobectomie. Wigexcisie is interessant bij comorbiditeit als de hilus niet betrokken is .

Stagering: dmv. PET-CT, Bronchoscopie, blinde TBNA (transbronchulaire naald aspiratie) op geleide van PET-CT, EBUS (oesofago-bronchulaire ultrasound), Chirurgische mediastinosco-pie.

De TBNA maakte sinds de introductie in 1958 met de starre naald een ontwikkeling door via mediastinoscopie, flexibele bronchoscopie,flexibele naald (Wang), Boston naald en sinds 2004 real time lineaire EBUS op de flexibele bronchoscoop.

Het medistinum wordt gestageerd door de PETscan: PET positieve en PET negatieve klieren.

Met de mediastinoscopie kunnen drie klierniveaus bereikt worden, met oesophageale ultra-sound (EUS) kunnen niet alle drie niveau’s maar wel meer caudaal gelegen klieren worden bereikt, met de EBUS kunnen echter zowel de drie niveau’s als de hilusklieren worden be-reikt. In het CWZ kan met de blinde TBNA 70-80% van de positieve klieren worden gebiopteerd en met de EBUS circa 90%. Met de EBUS treden 100 x minder complicaties op dan met de chirurgische mediastinoscopie.

Na vergelijkend onderzoek in het CWZ tussen de resultaten van geopereerde patienten na een chirurgische mediastinoscopie resp. na een EBUS (medische mediastinoscopie) blijkt dat de resultaten vergelijkbaar zijn. Er kan namelijk met de EBUS een sensitiviteit worden bereikt van 92-93% en een negatieve voorspellende waarde van 87% versus met de chirurgische mediastinoscopie 90%). In het CWZ is met de chirurgen hierover consensus bereikt.

De spreker dringt erop aan, dat de EBUS in de longartsenopleiding wordt opgenomen.




zaterdag 1 mei 2010

Uitnodiging 5 mei Borrel

Nijmegen, 28-04-2010

Geachte collegae,

Hierbij nodigen wij u uit voor de borrel van onze vereniging op

Woensdag 5 Mei as. om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359

Voordracht:
: Longcarcinoom en Stagering van het Mediastinum
dr. W. van den Berg, longarts CWZ.

Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.

Met vriendelijke groet, namens het bestuur

Roy Go





Nijmegen, 8 April 2010
Notulen Jaarvergadering 7 april 2010

1. Het jaarverslag van de penningmeester wordt goedgekeurd.
2. Het bestuur is voor de komende 3 jaar herbenoemd met uitbreiding met Cor Frenken.
3. Tegen de toelating van partners tot het diner na elke vergadering bestond oppositie van Herman Deleu, die vond, dat de discussie aan tafel dan te sterk moest worden ingeperkt tot de belangstellingssfeer van de partners. Verder was er ook weinig steun voor het voorstel. Het voorstel is derhalve ingetrokken. Van de kant van Jos Hoogbergen was er veel kritiek op de kwaliteit van het eten. Dit kon door de regelmatige mee-eters toch niet worden bevestigd. Wel zijn er voorstellen om het menu te variëren met het dagmenu.
4. De notebook kan worden aangeschaft. Wilfried's suggestie om een Acer aan te schaffen wordt gesteund door een recente beoordeling in de Consumentengids.
5. Rondvraag: Er is een voorstel van Van Baarle om chronisch zieke oud-stafleden jaarlijks een bloemetje met briefje van medeleven te sturen. Als voorbeeld noemde Paul Harry van Lith en Anton van der Leek. Hier stond men sympathiek tegenover. We zullen in onderling bestuursoverleg hier nog enige vorm aan moeten geven. We moeten natuurlijk niet de schijn van selectiviteit op ons laden. Ook weten we niet altijd wie er chronisch ziek thuis liggen en hoe de individuele omstandigheden zijn.
Uit vreugde voor de algemene steun voor herbenoeming, hebben de aanwezige bestuursleden besloten tot een rondje.

Roy Go, notulist

donderdag 25 maart 2010

Wat is de pijn van de pijn ?

VOORDRACHT

Inleider: dr. H. Samwel, Klinisch psycholoog CWZ en UMC St Radboud.

18 aanwezige leden op VOMS bijeenkomst dd. 3 maart 2010.

Doelstelling: Welke psychologische factoren hebben invloed op:
1. De intensiteit van de pijnbeleving en de daarmede samenhangende functione- le beperkingen?
2. De effecten van pijn behandeling.
Begonnen wordt met het confronteren van de aanwezigen met een aantal stel-lingen. Hierbij blijkt dat pijn niet persé gevoeld wordt als we gewond zijn. De hersenen beslissen wanneer we pijn waarnemen en zenuwvezels kunnen reage-ren door de prikkeldrempel aan te passen..
Van de algemene populatie blijkt 19% chronische pijn te hebben, 59% daarvan heeft pijn langer dan 2 jaar, 21% van de groep chronische pijn heeft tevens een gediagnosticeerde depressie.
Pijn kan worden gedefinieerd als een onplezierige sensorische en emotionele er-varing, die gepaard gaat met (mogelijke) weefselbeschadiging (IASP 1979). Of:
Pijn is wat degene die pijn heeft, zegt dat het is en het bestaat telkens als hij zegt, dat het bestaat (Ms Caffery 1979)
Biomedische, psychologische en sociale factoren hebben invloed op pijn en be-ïnvloeden elkaar ook onderling.
Onderzoek bij 54 patienten met chronische nekpijn die een RF-laesie behandeling ondergingen toonde aan, dat er nauwelijks een correlatie bestaat tussen pijn-verandering en fysieke beperkingen en tussen catastroferen vóór behandeling en de pijnverandering.
Bij chronische pijn kan vaak geen weefselbeschadiging worden aangetoond.
Alle elementen van ons zenuwstelsel vertonen plastische veranderingen, die het
geheugen vormen van leer- en ervaringsprocessen. Ook chronische pijn geeft deze veranderingen,waarvoor echter vooralsnog geen medische behandeling bekend is. Bekend is bij bepaalde vormen van chronische pijn de manuele behandeling door mevrouw Shinka, een manueel therapeute in Macedonië, die de pijnlijke extremiteit buigt door de pijn heen. Bij pijn treedt een cyclus van emoties, gedrag en cognities op.
Chronische pijn → catastroferen → angst en hulpeloosheid → vermijdings-gedrag → depressie → chronische pijn.
Alternatief: chronische pijn → acceptatie →conrfontatie → herstel.
Pijn kan leiden tot vermijdingsgedrag (vrees voor pijn) of overbelasting (vrees voor falen).
Door op de polikliniek op een kaart acceptatie, hulpeloosheid, bewegingsangst, algemeen welbevinden, verwachting van de patiënt tov behandelcentrum, attri-butie en beperkingen semikwantitatief te scoren, kan de diagnose worden verfijnd en de daaruit voortvloeiende behandeling worden verbeterd en het succes ervan door nametingen worden vastgelegd.
dr. I.H. Go, notulist.

vrijdag 26 februari 2010

De Oudere Specialist

Hoe houden we het tot de laatste werkdag toe, prettig vol?
Inleider: Rick Poels, neuroloog, CWZ 3 Februari 2010.

De inleider was Tactisch Manager Medische staf (TMM), tevens aanspreekmanager voor oudere specialisten in het CWZ, die de laatste jaren voor hun pensionering in de problemen waren gekomen. Over het onderwerp bestaat vrijwel geen literatuur. Samen met het bureau Sibbing- Van de Wateler werd een discussie avond voor de medische staf hierover opgezet, die met veel enthousiasme werd aangehoord. Bij een rondgang langs de maatschappen over de effectuering van een beleid voor de oudere collegae werd echter teleurstellend gereageerd:
1. De maatschap was te klein
2. De maatschap was nu eenmaal op productie gericht.
3. De maatschapsvorm houdt nu eenmaal in, dat de maten zelf moeten zorgen voor sociale voorzieningen.
4. Hoe kon je er zeker van zijn, dat dezelfde, nu eventueel in te nemen tegemoetkomende hou-ding zal worden ingenomen door in de toekomst ingetreden maten tov. de dan ouderen.
De teleurstellende resultaten noopten de TMM, mede omdat de functie begin dit jaar verviel, de verdere uitvoering aan een eventuele opvolger over te laten.
De argumenten vóór invoering van een “ouderen”beleid zijn:
1. De belastbaarheid en effectieve productie van de mens neemt met de leeftijd na het 45-50e jaar af.
2. Preventie van burned out geraken.
3. De oudere maten zijn meestal wel bereid om een gedeelte van hun inkomen navenant aan de verkorting van de arbeidstijd in te leveren
4. Behoud van expertise in de maatschap.
5. Herverdeling van werk, zoals grotere bijdrage aan managementtaken, opleiding, landelijke vakverenigingen kan aan de ouderen worden toegewezen. De maatschap zal dan wel eerst een besluit moeten hebben genomen, hoever zij aan deze projecten wil medewerken.
6. Verbetering van de collegiale sfeer in de maatschap en het scheppen van een voorbeeld of precedent voor de eigen oudere leeftijdsjaren.
Contra-argumenten:
1. De maatschapsvorm houdt in, dat een volledig ondernemersrisico door de leden wordt gedragen: WAO, faillissement, bedrijfsrisico’s (kosten, werkruimte, wanbetalers, verande-rend overheidsbeleid, aansprakelijkheid), pensioenregeling, financiering.
2. Er moet voldoende opvang blijven voor waarneming, diensten, overleg.
3. Er moet motivatie zijn om de problemen van een ander op te lossen, terwijl er geen zeker-heid is, dat de anderen dat ook voor jou zullen doen.
Tijdens de gesprekken met de maatschappen bleek ook, dat de pas tot de maatschap toegetreden specialisten eigenlijk niet voldoende waren ingewerkt in bovengenoemde problematiek. De TMM heeft daarom aangedrongen op de vorming van jaargroepen (jaarclubs), waarbinnen over elkaars problemen gesproken kan worden.

Roy I. H. Go, notulist.


donderdag 25 februari 2010

Bijeenkomst 3 maart 2010

Nijmegen, 24-2-2010 2009


Geachte collegae,

Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op

Woensdag 3 Maart om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359

VOORDRACHT: Wat is de Pijn van pijn?

Inleider: H. Samwell, Klinisch psycholoog CWZ.
De Nijmeegse Universiteit heeft een goede naam opgebouwd in onderzoek in de pathofysiologie en bestrijding van pijn. De inleider schreef een proefschrift over psychologische factorendie van van belang zijn bij de behandeling van pijn..

Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.

Met vriendelijke groet, namens het bestuur

Roy Go




vrijdag 29 januari 2010

Bijeenkomst woensdag 3 februari 2010

Vereniging Oud Medische Stafleden CWZ
Nijmegen, 28-2-2010

Geachte collegae,

Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op

Woensdag 3 Februari om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359

VOORDRACHT: De oudere specialist. Hoe houden we het tot de laatste werkdag
toe prettig vol?
Een boeiend onderwerp, waarbij van ons een actieve bijdrage in de discussie wordt verwacht.

Inleider: E. Poels, neuroloog en adviseur Bestuur Vereniging Medische Staf CWZ.

Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.

Met vriendelijke groet, namens het bestuur

Roy Go

zaterdag 9 januari 2010

Nieuwste ontwikkelingen in de traumatologie

6-12-2009
Dr. W.A.H. van der Stappen, chirurg-traumatoloog CWZ.

Ontwikkeling nationaal: in 1994 zijn 11 traumacentra aangewezen nav. goede ervaringen in de USA met gespecialiseerde centra. Oorspronkelijk werden alleen de UMC’s, naast Zwolle, Tilburg en Enschede erkend. Het CWZ helaas niet, wat zich nu altijd nog vertaalt in het aantal verwezen traumapatiënten in Nijmegen: Radboud:CWZ= 300: 10. De verbeterde behandeling is te zien in de daling in mortaliteit: 1998: 1300, nu 800/jaar. De mortaliteit ligt in België 3-4x hoger, vooral ook door groter alcoholgebruik bij jongeren. Traumacentra hebben alle een mobiel team ( traumatoloog of anaesthesist met aanvullende opleiding/ verpleegkundige-navigator, piloot) , in busje en bij 4 centra ook helicopter stand- by van 7-19 uur, gefinancierd door de overheid. De helicopter van het Radboud zit nu in Vol-kel.Het bereik van de helicopter is 50-70 km. Het traumateam benadrukt een zo vroeg moge-lijke (golden hour) stabilisering van de patiënt met een zo snel mogelijk transport naar het ziekenhuis. Wettelijk moet het hoog opgeleide team (Mobiel Medisch Team) binnen 15 mi-nuten ter plaatse zijn. Alleen in Zeeland, Texel en Noord Friesland is de reistijd > 60 minuten. Er zijn 24 meldkamers.
Regionale indeling: Nijmegen zit in Trauma Regio Oost. Het CWZ zit op Level 2: alles wat no-dig is, behalve thoraxchirurgie. Het CWZ opent binnenkort een nieuwe spoedeisende hulp afdeling, waarin 6 plaatsen voor SEH-artsen in opleiding, achterwacht voor de traumatolo-gie, collumcare (de grootste groep wordt gevormd door de heupfracturen) en de nieuwste ontwikkelingen in dit vakgebied.
De SEH-artsenopleiding: - 3 jaar (wordt 5 jaar met uitbreiding in cardiologie en anaesthesie). - - 50% opSEH, 50% in stages. . – in CWZ al 8 artsen opgeleid. De opleiding is bij de huidige generatie jonge artsen erg in trek. Functie kan in part-time.
Collum care: heupfracturen worden op de SEH al behandeld in een totaalplan: antidecubitus-behandeling, geriater en andere specialisten in consult, herziening medicatie, evaluatie voedingstoestand, pijnbestrijding, planning operatie, dagelijks fysiotherapie, doorloop naar verpleegtehuis (Margriet). De behandeling gebeurt met ongecementeerde kop-hals-prothe-se, hoek-stabiele platen ingebracht via minimale- invasieve technieken met reductie van wondinfectie. Er is een goede samenwerking met de orthopeden.
Er is een onderscheid tussen primaire en secundaire inzet. Voorbeelden van primaire inzet zijn: handbeklemming, schotwond, penetrerend letsel. Voorbeelden van secundaire inzet: aangezichtstrauma, (corpus alienum, stridor, Quinckes oedeem), thoraxtrauma (fladder-, hematothorax, multiple ribfracturen), shock (bloeding, cardiogeen, anaphylaxie), GCS (her-senletsel), traumatische amputatie. Bloedingen worden door de radioloog gestopt door intravasculaireinterventie.
Notulist: I. H. Go




.

woensdag 25 november 2009

Bijeenkomst 2 december 2009

Vereniging Oud Medische Stafleden CWZ
Nijmegen, 24 -11 - 2009


Geachte collegae,

Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op

Woensdag 2 December om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359


VOORDRACHT: Nieuwste Ontwikkelingen in de traumatologie
Spreker: Dr. W.A.H. van der Stappen, chirurg CWZ.

Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.

Met vriendelijke groet, namens het bestuur

Roy Go

zondag 22 november 2009

Voordracht drs Heino van Essen

De crisis en de gevolgen voor pensioenfondsen. Heeft het Nederlandse pensioensysteem toekomst?

Drs. H.J. van Essen, oud-voorzitter R.v.B. PGGM. dd 4 november 2009

Wereldwijd heeft Nederland met Japan de grootste pensioenfondsen. De twee grootste Ne-derlandse pensioenfondsen PGGM en ABP hebben zich opgeknipt in een fonds en een uit-voerder ( PGGM in PF Zorg en Welzijn en PGGM, ABP in ABP en APG).
De risico’s in dekkingsgraad worden bepaald door het quotiënt Waarde beleggingen a Waarde verplichtingen
!% daling in de waarde van de beleggingen → 16% daling in dekkingsgraad. In 2008 trad bij het PGGM een 44% slechtere beleggingsopbrengst en 22% rentedaling op. Wel was er een groei door afdekking renterisico van 9% en door instroom van premies van 1%. De dek-kingsgraad daalde dan ook van 140% eind juni tot 88% eind november.
De pensioenwet (Financieel ToetsingsKader=FTK) stelt tav. de dekkingsgraad grenzen: binnen 5 jaar > 105% (dekkingstekort), binnen 15 jaar > 125% (reservetekort). Bij dekkings-tekort mag het fonds niet indexeren. Bij 105-115% mag gestaffeld indexeren. Het fonds moet dan ook een herstelplan maken, waarbij het mag rekenen met 6,9% rendement en 3,6% rente.
Wat als dit tegenvalt? Mogelijk zijn de volgende instrumenten:
1. Indexering: is al 0
2. Verandering beleggingsmix: meer risico nemen mag niet.
3. Extra premie: weinig effect op dekkingsgraad. Wel doet werkgever dan mee.
4. Pensioenleeftijd verhogen: weinig effect. Sluit wel aan op huidige AOW aanpassing.
5. Afstempelen van bestaande pensioenrechten en repareren als tekort hersteld is. Heeft wel veel effect, maar tast bij actieven de belofte aan, bij gepensioneerden wordt het inkomen direct geraakt.
Het pensioencontract staat onder invloed van:
1. De vergrijzing met verouderend actievenbestand, bestandsrijping ( actieven/ gepen-sioneerden↓), stijgende levensverwachting. De bevolkingspiramide wordt een kolom
2. Regelgeving : focus op korte termijn, hogere zekerheidseisen, boekhoudregels.
3. Maatschappij: toenemende risico-aversie, vraag om transparantie, individualisering en pluriformiteit, volatielere financiële markten. Inflatie. Dalende rente.
Door de vergrijzing worden de tegengestelde belangen tussen jong en oud scherper: de ouderen willen zekerheid, dus weinig risico, de jongeren willen meer rendement, dus meer risico. Bij vasthouden aan huidige risico zullen steeds vaker grotere tekorten ontstaan en zullen we òf de pijn moeten doorschuiven naar de toekomstige actieven òf de rechten moeten afstempelen. Bij verlaging van het risico, moeten we meer premie betalen en kwaliteit inleveren voor de toekomstige actieven.
Het huidige pensioencontract kent voor iedereen dezelfde indexering en dezelfde indexatie-korting. Dit leidt tot bovengenoemd belangenconflict. We kunnen dit omzeilen als we variëren in beleggingsmix en indexering: gepensioneerden beleggen met minder risico en pensioen indexeren op basis van inflatie, actieven beleggingen vasthouden aan huidige risico en pensioen indexeren op basis van loongroei met kans op tussentijdse kortingen.
Beleggingsmix 2009:
Aandelen 34 %
Vastrentende waarden 32 %
Private equity 6 %
Vastgoed 17 %
Commodities 7 %
PO 4 %
Nominale swap 30 %
Reeële swap 2 %

De rendementen zijn de laatste 5 jaar gemiddeld gedaald tot 4%, sinds 1970 was het rende-ment echter gemiddeld 7,8% per jaar. Zonder inflatiecorrectie daalt de gemiddelde koop-kracht in 25 jaar tot 60%.
Roy I. H. Go, notulist.

woensdag 28 oktober 2009

Uitnodiging woensdag 4 november 2009

Vereniging Oud Medische Stafleden CWZ


Geachte collegae,

Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op

Woensdag 4 November om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359

VOORDRACHT: De crisis en de gevolgen voor de pensioenfondsen. Heeft het Nederlandse Pensioensysteem toekomst?

Spreker: Heino J. van Essen, oud-voorzitter R.v.B. Zorg en Welzijn.

Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.

Met vriendelijke groet, namens het bestuur

Roy Go

woensdag 7 oktober 2009

VERSLAG 2 september 2009

Evaluatie van stafleden door Aios in het CWZ.
Mw. Dr. Mariel E. Keemers-Gels, chirurg CWZ.

De sinds 2000 in de opleidingsmaatschap chirurgie in het CWZ werkzame spreekster vroeg zich af waarom opleiders eigenlijk nooit worden geëvalueerd. Zonder goede opleider is er immers ook geen goede opleiding. In 2003 stelde ze een in 2004 in Medisch Contact *gepu-
bliceerde evaluatiemethode met de titel Stafleden op rapport voor.
In 2006 ging de Centrale Opleidings Kommissie accoord met ziekenhuisbrede invoering.
De opleiders kunnen bij de evaluatie rekenen op:
1. Een oordeel gebaseerd op argumenten.
2. Persoonlijke kwesties worden uit de evaluatie geweerd
3. Waarborging van discretie.
De Aios kunnen rekenen op:
1. Vrijheid in het geven van hun mening.
2. Geen dreiging van sancties tegen de evaluerende groep.
Elk staflid ontvangt zijn beoordelingsformulier vertrouwelijk.
Er volgt een mondelinge toelichting door twee aios.
De ervaringen in de maatschap chirurgie zijn positief.
Bij de evaluatie worden:
- Sterke punten benoemd
- Tekortkomingen bespreekbaar gemaakt.
- Er van uitgegaan, dat stafleden persoonlijke zwakke punten willen verbeteren.
Resultaten:
2006 2008
Evaluatie afgerond 5 14
Geen evaluatie weigering 3 1
Geen evaluatie practische redenen 2 0
Nog niet afgerond/ onbekend 11 6

In 2008 is dus een duidelijke vooruitgang geboekt ook onder invloed van het Leerhuis.
In September 2009 volgt een nieuwe evaluatie.
Momenteel ter discussie:
1. Opleiders inzicht geven in resultaten bij zijn collega’s
2. Deze resultaten onderling in de maatschap bespreken?
Nu al krijgt de hoofdopleider de resultaten in zijn vakgroep te zien.

De bedoeling is te streven naar “appraisal and assessment”:
- 1x /jaar gesprek van medisch specialist met een collega niet uit de vakgroep.
- Hierbij moeten drie goede punten in het gesprek naar voren worden gehaald.
De geneeskundige Inspectie stelt vanaf 2012 herregistratie van medewerking aan dit project afhankelijk.

Hierna volgde een uitgebreide discussie.

Notulist Roy I. H. Go

donderdag 27 augustus 2009

Vereniging Oud Medische Stafleden CWZ

Nijmegen, 26 -8 - 2009


Geachte collegae,

Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op

Woensdag 2 September om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359

VOORDRACHT: Evaluatie van stafleden door arts-assistenten in het CWZ.

Spreker: Mw. Dr. Mariel E. Keemers-Gels, chirurg CWZ.


Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.

Met vriendelijke groet, namens het bestuur

Roy Go




woensdag 29 juli 2009

Zomerborrel 5 augustus 2009

VOMS.
p/a. Dr. I .H. Go
Nijmegen, 28 Juli 2009



Geachte collegae,

Hierbij nodig ik u uit voor de zomerborrel op :

Woensdag 5 augustus om 17.00 uur
in Hostellerie Rozenhof
Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359.

Gaarne ivm reservering een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vlees/vis ).

Met vriendelijke groet,

Roy Go.

woensdag 1 juli 2009

Zomerse 1 juli 2009







Roy Go deed hedenmiddag, in de fraaie tuin van De Rozenhof, onder het genot van een glaasje wijn, verslag van de bijeenkomst van het bestuur van onze vereniging met de Raad van Bestuur van het CWZ, U zult t.z.t. op deze blog nog een verslag kunnen lezen.
Hij deelde ook mede dat aan het eind van het jaar een nieuw bestuur gevormd moet worden, omdat er dan drie jaar verstreken zijn.
Andere mededelingen namens het bestuur van de vereniging, -op deze mooie zomerdag waar het weer fijn was elkaar te zien en te spreken,- zullen eveneens t.z.t. volgen !!
Dertien leden genoten vandaag een heerlijk glaasje wijn en vormden weer een gezellig bijeen zijn.

Wilfried de Goeij






donderdag 25 juni 2009

Nijmegen, 26 Mei 2009



Geachte collegae,

Hierbij nodig ik u uit voor de zomerborrel en bijzondere leden-vergadering op :

Woensdag 1 Juli om 17.00 uur
in Hostellerie Rozenhof
Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359.

Agenda ledenvergadering:
1. Verslag ontmoeting bestuur- Raad v. Bestuur CWZ.
2. Voorstel invitatie van drs A.M.van der Heijden, oud-consulent orthopedie en oud-lid van de Klachtencie CWZ tot toetreding .
3. Staffeest op 4 juli 2009
Gaarne ivm reservering een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vlees/vis ).

Met vriendelijke groet,

Roy Go.

dinsdag 26 mei 2009

Woensdag 3 juni 2009

Nijmegen, 26 Mei 2009



Geachte collegae,

Hierbij nodig ik u uit voor de , dit jaar eerste zomerborrel op :

Woensdag 3 Juni om 17.00 uur
in Hostellerie Rozenhof
Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359.

Gaarne ivm reservering een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vlees/vis ).
Hopelijk staat het weer een gezellig en interessant gesprek in de tuin toe.

Met vriendelijke groet,

Roy Go.

dinsdag 19 mei 2009

Bijeenkomst 6 mei 2009

Verslag bijeenkomst VOMS Woensdag 6 Mei 2009.
Opkomst 20 leden. Begonnen werd met een herdenking van ons overleden lid G.T.M. Bossers, orthopedisch chirurg i.r., waarbij zijn grote betekenis voor de ontwikkeling van de orthopedie in Nijmegen en zijn markante persoonlijkheid werd belicht. Daarna werd de spreker dr. G. W. van Dijk uitgenodigd zichzelf te introduceren.
Nieuwe inzichten in de behandeling van patiënten met een Beroerte. Dr. Gert van Dijk, neuroloog CWZ. d.d. 6 Mei 2009. Een samenvatting.
De prevalentie van beroerte neemt met de leeftijd sterk toe: 20-34 jaar 0,4 %; 55-64 jr 3,1 %, 65-74 jr 6,6%, >75 jr. 12% (voor vrouwen iets lagere percentages). De incidentie voor Nederland is 170/100 000 per jaar met een sterfte van 15% in de eerste maand en 25% het eerste jaar. Daarmede is het de 2e belangrijkste doodsoorzaak. Na 1 jaar is 50% van de pa-tiënten afhankelijk.
Definitie: De oude term cerebrovasculair accident (CVA) is te vaag. Een beroerte berust op een: Arterieel Infarct 85%: a. thrombotisch: 70% b. embolisch: 30% Arteriële bloeding: 15% intracerebraal of subarachnoidaal. Daarnaast komt nog veneuze thrombose voor in de sinus sagittalis: 5-10%.
Symptomen: Focale neurologische verschijnselen: verlamming, gevoelsstoornis, gezichtsvelddefect (hemianopsie), taalstoornis (afasie), spraakstoornis (dysarthrie), coördinatiestoornis (ataxie).
Differentiële Diagnose: migraine, epilepsie, tumor, metabole stoornis (hypoglycaemie!), multiple sclerose, psychische stoornis.
Een TIA is een cerebrale ischaemie, die niet langer dan 24 uur uitvalsverschijnselen geeft. De meeste TIA’s duren < 1uur, meestal zelfs maar 5-10 minuten. Na een TIA is de kans op een beroerte wel toe-genomen: binnen 10 dagen zelfs tot 10%, na 70 dagen tot 17%. 1/3 van de patiënten met een be-roerte heeft deze in de eerste 24 uur na de TIA ontwikkeld! (50% binnen 7 dagen). De tijdsruimte voor behandeling van een TIA is dus zeer kort. De mate waarin risicofactoren als leeftijd > 60 jaar, hypertensie, duur van de TIA, symptomen (vooral hemiparese) en diabetes mellitus bijdragen aan de ontwikkeling van een beroerte binnen 2 dagen na een TIA kan in een puntensysteem worden gescoord: de ABCD2 score: bij een score van 0-3 is deze kans 1%, bij 6-7 stijgt deze tot 8,1%. Op de afdeling neurologie is een TIA-service geopend: 9 bedden zijn gereserveerd voor analyse van een TIA (< 24 uur) in één dag. Mogelijkheden na 1 dag: * nog uitval + een ABCD2 score > 6-7 → opname met eventueel thrombolyse. * score < 5 en geen uitval meer → pat. poliklinisch vervolgd en plaatjesremmers (ascal/dipyridamol) Is de TIA > 24 uur geleden ontstaan→ binnen 2 dagen op de poli.
Diagnostiek: 1. CT-scan : Voordelen: * onderscheid tussen intracerebrale bloeding – SAB – infarct mogelijk. * vroege tekenen ischaemie zichtbaar. * Vervolgen van ontwikkeling gebied van infarct en rondom de ischemische penumbra mogelijk. 2. CT-angiografie: directe afbeelding intracraniele vaten en perfusie. 3. MRI: Vroege ischemie al binnen 3 dagen na TIA, hoog sensitief voor bloeding, diffusie - perfusie mismatch.
Behandelingsmogelijkheden: TIA 1. 80 mg. ascal 1e dag 300 mg+ dipyridamol 2x 200 mg. dd. 2. Orale antistolling bij hoog risico op cardiale bron van embolie. 3. Bloeddrukverlaging ook bij normale bloeddruk: diureticum+ evtl. Ace-remmer/ A2-antagonist, Ca-blokker 4. Statine ook bij normaal cholesterol.
Infarct: 1. Thrombolyse met rt-PA binnen 4,5 uur, Aspirine + persantin < 48 uur. 2. Opname op Stroke unit, waar thrombolyse, monitoring en bewaking plaats vindt van bloeddruk, bloedsuiker, vochtbeleid en temperatuur. 3. Secundaire preventie: naast de behandeling genoemd bij TIA, ook carotis endarteriëctomie bij stenose > 70% (30/jaar in CWZ) en voorlichting over verandering in levensstijl. Risico van thrombolyse: bij 5% intracerebrale bloeding (1% dodelijk), vooral bij ernstige neurologi-sche uitval, hoge bloeddruk, hyperglycaemie, hogere doses alteplase, vroege tekenen van ischaemie op CT, hyperdense a. cerebri media, grote laesie op MRI. Voordeel: 13% meer in leven en zelfstandig, vooral succesvol bij behandeling binnen 0-90 minuten na het begin van de symptomen. Bij 40% treedt dan revascularistaie op, bij een gedeelte echter ook re-occlusie. Experimenteel is nog de intra-arteriële thrombolyse en de combinatie met de intraveneuze weg. Complicaties na een infarct: Oedeem: chirurgische decompressie levert een hoge overleving, maar het grootste deel van de patiënten is paretisch en gehandicapt.
Intracerebrale bloeding: sterfte 40% binnen 3 dagen. Intraventriculaire doorbraak fataal. Therapie: *Recombinant Factor VII reduceert de groei van het hamtoom, verbetert de prognose niet. *Chirurgie → geen verbetering bij supratentoriële, wel bij cerebellaire hematomen. * Bloeddrukverlaging (syst. < 140 mm.Hg) → hematomen blijven kleiner.
Subarachnoidale bloedingen: Leeftijd 40-60 jaar, dus relatief jong. 40% † < 1 maand. 25% overleven, maar zorgafhankelijk. Aneurysmata kunnen worden geclipt, of gevuld met een platinum coil, daarna 6 mnd. ascal.
Notulist: dr. I. H. Go


Uitnodiging voor VOMS-bijeenkomst op 6 mei 2009

Vereniging Oud Medische Stafleden CWZ                                                                                                Nijmegen, 29-4- 2009

Geachte collegae,

Hiermede nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging 
op Woensdag 6 Mei om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359

VOORDRACHT: Nieuwe inzichten in de behandeling van Patiënten met een Beroerte.
Spreker: Dr. G.W. van Dijk, klinisch neurofysioloog CWZ.

Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.

Met vriendelijke groet, namens het bestuur

Roy Go

Bezoek voor abstracts van vorige onderwerpen en foto’s onze website op  "http://vomscwz.blogspot.com/">http://vomscwz.blogspot.com

donderdag 26 maart 2009

Nieuwe foto's

Onderaan, aan de rechterzijde van de weblog, zijn per heden enkele nieuwe foto's geplaatst, wellicht dat U zich hier terug kan vinden ! Scrollen dus !