Agenda 2026

1 april Toine Lagro-Janssen: Sekse- en gendersensitieve geneeskunde
6 mei de heer en mevrouw Bots: Madame de Maintenon
3 juni Zomerborrel
In juli en augustus géén bijeenkomst
2 september Martin Schuurmans: Paranormale verschijnselen
7 oktober Theo Voorn: Gehoorapparaten
4 november Gert van Dijk: titel volgt
2 december nog onzeker.

Blogarchief

zaterdag 27 april 2013


Abstract
  Het verlenen van zorg onder bijzondere omstandigheden.

  C. Bakker, regionaal OTO-Zirop Coördinator.  
dd 3 april 2013.

In een ziekenhuis kan zorg tekort schieten als; incident ( beheersbaar), calamiteit (met letsel/schade), ramp (hulpverleningscapaciteit onvoldoende)of crisis (ernstige ontwrichting). Alle vier verstoren het dagelijks programma van zorg.                                                                                                                                           De verstoringen kunnen optreden door externe calamiteiten: Mechanisch (bijv. scheeps- , verkeers- of industriële rampen.; CBRN: (Chemisch, Biologisch, Radioactief , Nucleair) ; Thermisch met meerde-re slachtoffers; andere letsels, die leiden tot ernstige disbalans tussen zorgvraag en -aanbod  De ge-volgen kunnen groot zijn, het verloop steeds anders en niet te voorspellen en de dagelijkse gang van zaken wordt overhoop gegooid. Voorbeelden zijn de vliegtuigramp Bijlmer in 1992, de hittegolf tij-dens de 4-daagse in  2006 en het treinongeval in Amsterdam in 2011.                                                                       Calamiteiten kunnen ook intern gebeuren: Brand, uitbraak van infectieziekte, incident met gevaar-lijke stoffen, uitval infrastructuur (gas, elektriciteit, ICT), bommelding, bedrijfsongeval. Voorbeelden in het CWZ: stroomuitval, ICT uitval, grote waterlekkage, zuurlekkage, uitval dect- telefonie.
Waarom een calamiteitenplan?  De kwaliteitswet zorginstellingen en de BIG eisen voorbereidingen om onder alle omstandigheden verantwoorde zorg te bieden en continuïteit van zorg te waarborgen. Volgens de  leidraad COBRA moet per zorginstelling minimaal geregeld zijn dat : Hoe de zorg is te prioriteren en de continuïteit te waarborgen; alle medewerkers weten wat hun taken zijn bij een calamiteit; vitale processen moeten in kaart gebracht zijn; er moet centraal toezicht zijn op actuele zorgvraag en -aanbod.   Het crisisbeheersingsplan treedt in werking als de continuïteit van zorg in gevaar komt. Cruciaal vitale processen zijn sluiting van afdelingen, groot aanbod van patiënten, verplaatsen van patiënten, tekort aan personeel, uitval van nutsvoorzieningen, apparatuur en ICT middelen, logistieke stagnatie, uitbraak infectieziekten. Het toezicht wordt uitgevoerd door een cri-sismanager. Deze is verantwoordelijk voor bestrijding  van de interne calamiteit, aansturen van de organisatie bij opvang van rampenslachtoffers, beperking van de negatieve gevolgen van de calami-teit. Deze functie wordt uitgevoerd door de diensdoende manager bedrijfsvoering zorg en heeft een strakke hiërarchische structuur (1 kapitein op het dek).
Planvorming is goed, maar hoe kun je beoordelen hoe we als organisatie voldoende zijn voorbereid om onze taak uit te voeren in dergelijke situatie? Om te bereiken dat bij medewerkers  de benodigde awereness wordt gekweekt en dat ze weten wat  ze moeten tijdens een incident of ramp is scholing, training en oefening noodzakelijk.   Na een periode van voorbereiding heeft er dan op 10 november 2012 dan ook een grootschalige ramp oefening plaatsgevonden, waar naast het CWZ ook de SMK, het UMCN , gemeente Nijmegen en defensie gezamenlijk hebben geoefend. 
Notulist  I. H. Go


Abstract 

Het verlenen van zorg onder bijzondere omstandigheden


C. Bakker
regionaal OTO-Zirop Coördinator.  dd 3 april 2013.

In een ziekenhuis kan zorg tekort schieten als; incident ( beheersbaar), calamiteit (met letsel/schade), ramp (hulpverleningscapaciteit onvoldoende)of crisis (ernstige ontwrichting). Alle vier verstoren het dagelijks programma van zorg.                                                                                                                                           De verstoringen kunnen optreden door externe calamiteiten: Mechanisch (bijv. scheeps- , verkeers- of industriële rampen.; CBRN: (Chemisch, Biologisch, Radioactief , Nucleair) ; Thermisch met meerde-re slachtoffers; andere letsels, die leiden tot ernstige disbalans tussen zorgvraag en -aanbod  De ge-volgen kunnen groot zijn, het verloop steeds anders en niet te voorspellen en de dagelijkse gang van zaken wordt overhoop gegooid. Voorbeelden zijn de vliegtuigramp Bijlmer in 1992, de hittegolf tij-dens de 4-daagse in  2006 en het treinongeval in Amsterdam in 2011.                                                                       Calamiteiten kunnen ook intern gebeuren: Brand, uitbraak van infectieziekte, incident met gevaar-lijke stoffen, uitval infrastructuur (gas, elektriciteit, ICT), bommelding, bedrijfsongeval. Voorbeelden in het CWZ: stroomuitval, ICT uitval, grote waterlekkage, zuurlekkage, uitval decttelefonie.
Waarom een calamiteitenplan?  De kwaliteitswet zorginstellingen en de BIG eisen voorbereidingen om onder alle omstandigheden verantwoorde zorg te bieden en continuïteit van zorg te waarborgen. Volgens de  leidraad COBRA moet per zorginstelling minimaal geregeld zijn dat : Hoe de zorg is te prioriteren en de continuïteit te waarborgen; alle medewerkers weten wat hun taken zijn bij een calamiteit; vitale processen moeten in kaart gebracht zijn; er moet centraal toezicht zijn op actuele zorgvraag en -aanbod.   Het crisisbeheersingsplan treedt in werking als de continuïteit van zorg in gevaar komt. Cruciaal vitale processen zijn sluiting van afdelingen, groot aanbod van patiënten, verplaatsen van patiënten, tekort aan personeel, uitval van nutsvoorzieningen, apparatuur en ICT middelen, logistieke stagnatie, uitbraak infectieziekten. Het toezicht wordt uitgevoerd door een crisismanager. Deze is verantwoordelijk voor bestrijding  van de interne calamiteit, aansturen van de organisatie bij opvang van rampenslachtoffers, beperking van de negatieve gevolgen van de calamiteit. Deze functie wordt uitgevoerd door de dienstdoende manager bedrijfsvoering zorg en heeft een strakke hiërarchische structuur (1 kapitein op het dek).
Planvorming is goed, maar hoe kun je beoordelen hoe we als organisatie voldoende zijn voorbereid om onze taak uit te voeren in dergelijke situatie? Om te bereiken dat bij medewerkers  de benodigde awereness wordt gekweekt en dat ze weten wat  ze moeten tijdens een incident of ramp is scholing, training en oefening noodzakelijk.   Na een periode van voorbereiding heeft er dan op 10 november 2012 dan ook een grootschalige ramp oefening plaatsgevonden, waar naast het CWZ ook de SMK, het UMCN , gemeente Nijmegen en defensie gezamenlijk hebben geoefend. 
Notulist  I. H. Go