Agenda 2026

1 april Toine Lagro-Janssen: Sekse- en gendersensitieve geneeskunde
6 mei de heer en mevrouw Bots: Madame de Maintenon
3 juni Zomerborrel
In juli en augustus géén bijeenkomst
2 september Martin Schuurmans: Paranormale verschijnselen
7 oktober Theo Voorn: Gehoorapparaten
4 november Gert van Dijk: titel volgt
2 december nog onzeker.

Blogarchief

vrijdag 25 maart 2016

Geachte collegae,

Wij nodigen u uit voor de maandelijkse bijeenkomst op
                         Woensdag 6 April 2016 om 16.30 uur

  Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359

16u30 Borrel en ontvangst
17.00 -18 uur Inleiding:  2015: de wijzigingen in de zorg en het MSB (Medisch Specialistisch Bedrijf)
door A.P.M. Boll, chirurg CWZ
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (keuze uit her menu) na afloop.

Met vriendelijke groet, namens het bestuur

Roy Go

vrijdag 11 maart 2016


Abstract Pestilentie en de gebroeders Van Limburg door dr. J.A.N. vander Spek 2/3/2016

Dit jaar is het 600 jaar geleden, dat de gebroeders Van Limburg in Frankrijk overleden. Hun voorouders kwamen + 1400 in Limburg wonen.  1350 Johannes van Limborch→Arnold v.L. (1360-1397) x Metta Maelwael (dochter van Willem Maelwael, die met zijn broer Herman Maelwael vlakbij de Van Limborchs in de Burrchtstraat in Nijmegen       Zij kregen te maken met een pestepidemie. Men onderscheidt 3 soorten pest: Buikpest met lymfeklierzwelling en subcutane zwarte vlekken, longpest met benauwdheid, hoesten en bloederig slijm en septische pest met shock en intravasale stolling.    In de middeleeuwen waren 2 pandemiën: in de 6e-7e eeuw en in de 14e-15e eeuw. Een 3e pandemie was in het begin van de 20e eeuw. In 531, 543 en 697 was er de pest van Justinianus, die begon in Constantinopel en zich over Europa naar Rome uitreidde.                              In 1347, 1352 en 1667 verspreidde de Zwarte dood zich vanuit de Krim door Mongoolse krijgers vanuit Kaffa via Athene en Sicilië naar Spanje.                                                                               De 3e pandemie 1855-1955 verspreidde zich vanuit Yemen naar Indië en Europa.                                 De WHO meldde, dat in het begin van de 21e eeuw wereldwijd jaarlijks nog 1000-3000 gevallen van pest werden gemeld. Alexandre Yersin (1863-1955) zag in 1894 in Hongkong in het sputum bacteriën, die daarop Yersinis Pestis werden genoemd. Paul Louis Simon (1858-1947) ontdekte in Karachi in 1898, dat de pest door rattenvlooien werd overgebracht. Behandeling: Waksman  1952: Streptomycine, Duggen 1948: Tetracycline, Lucdeman 1963: gentamycine, Conover 1966: Doxycycline.

Voorgeschiedenis: 563 Clement beschreef als eerst de pest; 1348 Boccaccio volgde in de Decamerone; 1350 Guy de Chauliac: twee soorten pest: de builen en de longpest; 1558 Pieter van Foreest; 1635 Ysbrand van Diemerbroeck (nijmegen): Tractatus de Peste: de pest bij 120 patiënten.                                                                                                                               Ziektebeloop:  Zonder behandeling: Builenpest leidt binnen 3-7 dagen tot de dood, Longpest heeft binnen enkele dagen 100% mortaliteit. Septische pest is binnen 1-2 dagen fataal. Oorzaak en behandeling van pest:                                                                                                       1. de Kerk: Straf van God, dus bidden en boete doen. Beschermheilige is St Sebastiaan, doorboord met pijlen van oa. de pest; verder > 60 beschermheiligen: oa. St. Rochus, St. Anthonius Abt en St. Christoffel.

2. Geneeskundig: Philips VI (1293, 1328, 1350) ; Volgens hoogleraren aan de medische faculteit in Parijs was de pest het gevolg van conjunctie van drie planeten in sterrenbeeld Aquarius  Men onderscheidde volgens de leer van Galenus 4 humores: : slijm, bloed, zwarte en gele gal. Het evenwicht tussen deze vloeistoffen zou verstoord zijn, dus aderlaten en tegen de pijn incideren van pestbuilen.

De Van Limborghs kregen te maken met pestepidemiën rond 1400 in Nijmegen (1349-1475 9x) en in Frankrijk. Zij kwamen in Frankrijk terecht door Johan Maelwael, die als heraldiek-schilder voor Catharina van Beijeren werkte en hen via het hof in Parijs in contact bracht met de Duc de Bourgogne en later met de Duc de Berry in Bourges voor wie zij Les Belles Heures maakten en daarna Les Très Riches Heures illustreerden.  In deze getijdenboeken moest de litanie van Allerheiligen worden opgenomen die in Rome door paus Gregorius de Grote was opgesteld, nadat hij de aan de pest overleden paus Pegasius II had opgevolgd. Hij hoopte met het bidden van deze litanie tijdens een grote processie via bemiddeling van deze heiligen bij God het einde van de pest gedaan te krijgen. Dat lukte en het einde van de pestepidemie werd aangekondigd door de aartsengel Michaël.

In de "Belles Heures" beeldden zij de processie uit in vier miniaturen en in de "Très Riches Heures" in twee. Daarop zijn enkele van de 90 tijdens de processie nog aan de pest stervende gelovigen te zien en in de "Belles Heures" ook hun begrafenis en een optocht van flagellanten. De gebroeders van Limburg hebben hun kennis over de pest van Justitianus kunnen verwerven in de veel omvattende bibliotheek van de Duc de Berry waarin de "Légende d'Orée" van Jacques de Voragine aanwezig was. Daarin stond in de levens-beschrijving van Grégoire de Tours (534-594) het verslag opgenomen dat die in 590 van een ooggetuige had gehoord over de gebeurtenissen in Rome. Het door de Gebroeders uitgebeelde verhaal is dus historisch juist, maar de personen zijn gekleed als rond 1400 en ook de afbeelding van de flagellanten hebben zij uit eigen waarneming want die zelfkastij-ders waren er niet in de tijd van de pest van Justinianus. Die beweging was in 1260 in gang gezet door de heremiet Fasani in Italië.

Begin 1416 brak er een grote pestepidemie uit in Parijs terwijl de gebroeders van Limburg werkten aan de Très Riches Heures". In het voorjaar overleed Johan, vrijwel zeker snel gevolgd door Paul en Herman met hoogstwaarschijnlijk de pest als doodsoorzaak. Want bij het overlijden van de Duc de Berry in juni van dat jaar waren volgens de inventarisatie van  zijn nalatenschap de katernen van het getijdenboek opgeborgen in een koffertje. Een aantal miniaturen was nog niet af en misschien waren de broers bij hun overlijden zelfs bezig met de niet afgemaakte miniatuur van de processie van Gregorius de Grote. Die niet afgewerkte miniaturen zijn omstreeks 1485 door Jean Colombe bijgeschilderd, hetgeen duidelijk te zien is aan zijn andere stijl.






donderdag 3 maart 2016


Voordracht Dr J.A.N. van der Spek