Geachte collegae,
Hiermede nodigt het bestuur van de VOMS u en uw partner uit voor de inmiddels traditionele Nieuwjaarsreceptie van onze vereniging op Woensdag 5 Januari om 17 uur in Hostellerie Rozenhof. De aangeklede borrel met een kleine attentie wordt u door de vereniging aangeboden. Daarna is er de mogelijkheid deel te nemen aan een maaltijd , waarvan de keuzemogelijkheid u nog zal worden bericht.
Gaarne zou ik van u nu reeds willen vernemen of u komt. Dit is van belang voor de te reserveren ruimte.
Met vriendelijke groet,
Roy Go
Agenda 2026
1 april Toine Lagro-Janssen: Sekse- en gendersensitieve geneeskunde
6 mei de heer en mevrouw Bots: Madame de Maintenon
3 juni Zomerborrel
In juli en augustus géén bijeenkomst
2 september Martin Schuurmans: Paranormale verschijnselen
7 oktober Theo Voorn: Gehoorapparaten
4 november Gert van Dijk: titel volgt
2 december nog onzeker.
6 mei de heer en mevrouw Bots: Madame de Maintenon
3 juni Zomerborrel
In juli en augustus géén bijeenkomst
2 september Martin Schuurmans: Paranormale verschijnselen
7 oktober Theo Voorn: Gehoorapparaten
4 november Gert van Dijk: titel volgt
2 december nog onzeker.
Blogarchief
vrijdag 17 december 2010
dinsdag 14 december 2010
Abstract Juridische Actualiteiten, Voordacht mr G. Fokke 1.12.2010
T.a.v. de gezondheidszorg zijn een aantal wetten opgesteld, zoals de kwaliteitswet, de WGBO en de wet BIG. Het volgende is in de vorm van een discussie gesteld:
Afgeschaft is de wet op de uitoefening van de geneeskunde en de wet op het medisch tuchtrecht. Dit is betreurenswaardig, omdat er hierdoor allerlei uitwassen kunnen ontstaan, zonder dat de inspectie en het O.M. daar een duidelijke greep op hebben. Verder is het niet in de wet vastgelegd welke bevoegdheden de nurse practitioner en vooral ook de Physician Assistent ( een in anamnese, lichamelijk onderzoek en/of bepaalde verrichtingen geschoolde verpleegkundige of fysiotherapeut) hebben. Met name de afbakening van de bevoegdheden van de arts, die een veel dieper gaande kennis heeft, is niet duidelijk en zal in de praktijk een kwestie van vertrouwen zijn. In de discussie lopen de meningen van de toehoorders sterk uiteen.
De oplossing zou kunnen worden gevonden in een combinatie van de verworvenheden van de wet Big en de wet op de uitoefening van de geneeskunst. Dus moet iemand bekwaam en bevoegd zijn.
Ook in de vorm van een discussie wordt de betekenis van de wet WGBO toegelicht. Hierin wordt de plicht van de arts tot hulpverlening vastgelegd. De behandelovereenkomst kan maar zelden worden beëindigd door de arts. Daar worden hoge eisen aan gesteld.
Opvallend is, dat de eed van Hippocrates bij de benoeming tot arts niet meer verplicht is, maar vrijwillig.
Binnen de wet WGBO is ook de dossierplicht geregeld. Daarin moet alles worden vastgelegd over de gezondheid van de patiënt, de uitgevoerde verrichtingen en alle gegevens worden opgenomen die voor een goede hulpverlening van belang zijn. Indien eenmaal een document is toegevoegd aan het dossier mag dat daar niet meer uit verwijderd worden. Persoonlijke werkaantekeningen moeten buiten het dossier worden bewaard.
In de omgang met de patiënt, speelt het ontslaggesprek een belangrijke rol.
Gediscussieerd wordt over de meldingsbereidheid. Dit tegen de achtergrond van het voornemen om opgelegde tuchtmaatregelen op te nemen in het openbare Bigregister.
Door problemen met de projectie van de Power Point dia's loopt de behandeling van het onderwerp erg uit. Geconcludeerd wordt, dat de spreker voor dit onderwerp nogmaals zal worden geïnviteerd.
I. H. Go, notulist.
Afgeschaft is de wet op de uitoefening van de geneeskunde en de wet op het medisch tuchtrecht. Dit is betreurenswaardig, omdat er hierdoor allerlei uitwassen kunnen ontstaan, zonder dat de inspectie en het O.M. daar een duidelijke greep op hebben. Verder is het niet in de wet vastgelegd welke bevoegdheden de nurse practitioner en vooral ook de Physician Assistent ( een in anamnese, lichamelijk onderzoek en/of bepaalde verrichtingen geschoolde verpleegkundige of fysiotherapeut) hebben. Met name de afbakening van de bevoegdheden van de arts, die een veel dieper gaande kennis heeft, is niet duidelijk en zal in de praktijk een kwestie van vertrouwen zijn. In de discussie lopen de meningen van de toehoorders sterk uiteen.
De oplossing zou kunnen worden gevonden in een combinatie van de verworvenheden van de wet Big en de wet op de uitoefening van de geneeskunst. Dus moet iemand bekwaam en bevoegd zijn.
Ook in de vorm van een discussie wordt de betekenis van de wet WGBO toegelicht. Hierin wordt de plicht van de arts tot hulpverlening vastgelegd. De behandelovereenkomst kan maar zelden worden beëindigd door de arts. Daar worden hoge eisen aan gesteld.
Opvallend is, dat de eed van Hippocrates bij de benoeming tot arts niet meer verplicht is, maar vrijwillig.
Binnen de wet WGBO is ook de dossierplicht geregeld. Daarin moet alles worden vastgelegd over de gezondheid van de patiënt, de uitgevoerde verrichtingen en alle gegevens worden opgenomen die voor een goede hulpverlening van belang zijn. Indien eenmaal een document is toegevoegd aan het dossier mag dat daar niet meer uit verwijderd worden. Persoonlijke werkaantekeningen moeten buiten het dossier worden bewaard.
In de omgang met de patiënt, speelt het ontslaggesprek een belangrijke rol.
Gediscussieerd wordt over de meldingsbereidheid. Dit tegen de achtergrond van het voornemen om opgelegde tuchtmaatregelen op te nemen in het openbare Bigregister.
Door problemen met de projectie van de Power Point dia's loopt de behandeling van het onderwerp erg uit. Geconcludeerd wordt, dat de spreker voor dit onderwerp nogmaals zal worden geïnviteerd.
I. H. Go, notulist.
donderdag 25 november 2010

In Memoriam
Dr. J.H.J. Enneking (1923-2010)
Op 13 november overleed in Nijmegen dr. J. Enneking, oudinternist en oudopleider interne geneeskunde in het CanisiusWilhelmina ziekenhuis Nijmegen. De tot voor kort nog zeer vitale 87-jarige werd geveld na een ziekbed van enkele maanden. Als zoon van internist, geneesheer directeur prof. dr. J.A.M.J. Enneking, was Jules al vroeg met het sinds 1850 bestaande St.Canisiusziekenhuis verweven. In navolging van zijn vader ging Jules medicijnen studeren en werkte hij na de sluiting van de Universiteit Amsterdam in 1943 als administrateur van de bloedtransfusiedienst. Na opleiding tot internist in het Binnengasthuis in Amsterdam o.l.v. Prof. dr. J.G.G. Borst werd hij in 1956 chef de clinique in ons ziekenhuis en parttime docent aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. In 1961 werd hij lid van de medische staf en daarmede in feite de grondlegger van onze maatschap. Zijn vader was in 1933 één van de eerst erkende opleiders interne geneeskunde. Ook hier trad Jules in zijn voetsporen en werd in 1962 hoofdopleider in samenwerking met C.M. Ruland. Tijdens zijn negentienjarig A 5 opleiderschap werden ongeveer honderd assistenten en vele coassistenten opgeleid. Jules was een gedisciplineerd man, die de wetenschap hoog achtte. Zo las hij elk hem toegezonden proefschrift grondig, selecteerde belangrijke artikelen uit de vakliteratuur, waaraan hij bij herhaling tijdens discussies kon re-fereren. Ook was hij uit brede belangstelling geabonneerd op de Scientific American. Gastroscopieën voerde hij vaardig uit en hij besprak deze met röntgenfoto's bij overdrachtsbesprekingen. Hij administreerde systematisch in zijn rechtop staande duidelijk leesbare handschrift. Zo heeft hij ons in 2004 nog voorzien van een handgeschreven overzicht van de geschiedenis van de interne geneeskunde en opleiding tot internist in Nijmegen. Als overtuigd algemeen internist had hij moeite met de noodzaak tot verdere specialisatie, maar werkte ook loyaal mee, toen dit standpunt onhoudbaar bleek. Dezelfde loyaliteit toonde hij na de fusie met het Wilhelminaziekenhuis in 1976. Ook na de overdracht van de opleidingsbevoegdheid in 1981 aan H.B. Benraad bleef hij actief bij de opleiding betrokken. Na pensionering in 1988 kon hij zich wijden aan zijn liefhebberijen: fotografie (hij bewerkte zijn prachtige kleurenfoto's zelf), Latijn, cultuur, geschiedenis, diverse sporten waaronder skie, golf en tennis, en hij organiseerde lange fietstochten met zijn vrouw en zijn Amerikaanse vriend en naamgenoot William Enneking, hoogleraar orthopedie. Met humor kon hij hierover vertellen. Tot op hoge leeftijd bleef hij de patiëntenbesprekingen en refereeravonden in onze kliniek bezoeken en wist daarbij regelmatig de AIOS te bestoken met lastige kritische vragen. Met Jules Enneking is in zijn, al eerder zwaar getroffen familie, een erudiete, beminnelijke, vrijwel onmisbare pater familias verloren gegaan. Wij wensen Maud en kinderen bij het dragen van dit verlies heel veel sterkte toe.
I.H. Go, S. van Nooten, A.S.M. Dofferhoff.
mr Guido Fokke op woensdag 1 December
Geachte collegae,
Tgv een misverstand in de communicatie betreffende de datum, is collega Edward Tan helaas verhinderd zijn voordracht te houden. Wij proberen hem te verleiden tot een voordracht in Februari as.
In plaats van Edward hebben wij mr. Guido Fokke, hoofd juridische dienst CWZ, bereid gevonden eveneens een zeer actueel onderwerp te bespreken: "Actualiteiten uit het Gezondheidsrecht"
Ik neem aan, dat degenen, die reeds hebben toegezegd te komen, bij hun deelname blijven. Zo niet, dan verneem ik dat graag alsnog.
met vriendelijke groet, Roy Go
Tgv een misverstand in de communicatie betreffende de datum, is collega Edward Tan helaas verhinderd zijn voordracht te houden. Wij proberen hem te verleiden tot een voordracht in Februari as.
In plaats van Edward hebben wij mr. Guido Fokke, hoofd juridische dienst CWZ, bereid gevonden eveneens een zeer actueel onderwerp te bespreken: "Actualiteiten uit het Gezondheidsrecht"
Ik neem aan, dat degenen, die reeds hebben toegezegd te komen, bij hun deelname blijven. Zo niet, dan verneem ik dat graag alsnog.
met vriendelijke groet, Roy Go
dinsdag 23 november 2010
Nijmegen, 23 -11-- 2010
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op
Woensdag 1 december om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
Onderwerp:
Oorlogschirurgie in Afghanistan, persoonlijke ervaringen van drie uitzendingen.
Spreker: Dr. E. Tan, chirurg UMC Radboud
Menu: 1. Gegrilde gamba's met een risotto van tomaat en koriander en safraan-kreeftensaus
2. Rosé gebraden filet van reebout met bramenjus en mousseline van pastinaak
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op
Woensdag 1 december om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
Onderwerp:
Oorlogschirurgie in Afghanistan, persoonlijke ervaringen van drie uitzendingen.
Spreker: Dr. E. Tan, chirurg UMC Radboud
Menu: 1. Gegrilde gamba's met een risotto van tomaat en koriander en safraan-kreeftensaus
2. Rosé gebraden filet van reebout met bramenjus en mousseline van pastinaak
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
woensdag 17 november 2010
Regulatie en meting van de anesthesie-diepte middels monitoring
Dr. W. Gerrits, anaesthesioloog CWZ dd. 2-11-2010
Hoe ziet het werk van de huidige anesthesioloog eruit? Hoe kan hij/zij patiënten zo goed mogelijk monitoren ofwel hoe bepaalt hij de slaapdiepte? Om daar inzicht in te krijgen moeten we bekijken hoe de (pijn)prikkels die een chirurg teweeg brengt, door het lichaam verwerkt worden en hoe wij dit proces kunnen beïnvloeden.
De toegediende pijnprikkel wordt naar het ruggemerg doorgegeven, waarin via een reflex-boog een motorische reactie teweeg wordt gebracht. Via de lange banen komen de prikkels in het brein waarna opnieuw een reactie ontstaat. Reflexmatig is hierbij ook de (para)sym-pathicus betrokken, die hartslag en bloeddruk aanstuurt. De beïnvloeding van dit proces kan op verschillende posities in dit proces met verschillende groepen medicamenten.
Hierop zijn de drie pijlers van de anesthesie gebaseerd :
1. Pijnstilling via locaal anaesthesie of intraveneuze opiaten: bijvoorbeeld remifentanyl bij de partus, een ultrakortwerkend middel.
2. Slaap: iv ( propofol) of dampvormig. Deze laatste geven minder spierreflexen. Xenon is het middel met de minste cardio-depressiviteit.
3. Spierverslapping bijv. uit de groep met een quaternair ammonium, dat kan worden ge-antagoneerd met een nieuw, door Organon geproduceerd middel : Sugammadex .
Gestreefd wordt naar een evenwicht tussen deze drie pijlers, waarbij het doel is: voldoende anesthesiediepte met de minst mogelijke bijwerkingen. De juiste dosering van de farmaca kan gecontroleerd worden door monitoring : observatie van beweging, pupilreactie, huids-kleur en meting van bloeddruk, hartritme, O2-saturatie en end-tidal dampmeting.
Een relatief nieuwe vorm van monitoring is die van de slaapdiepte middels analyse van een éénkanaals EEG signaal. Er zijn verschillende typen : BISS, Entropy, Narcotrend. Zij verschillen met name in wijze en snelheid waarop het EEG-signaal wordt verwerkt. Het CWZ heeft geko-zen voor de Entropy-monitor. Hierbij wordt naast het EEG- ook het EMG-signaal verwerkt en omgezet in een getal tussen de 0 (zeer diepe slaap) en 100 (wakker) Het gebied tussen de 40 en de 60 geeft een algemene anaesthesie aan, < 40 een diephypnotische staat, 20 een Burst suppression . De Entropy is betrouwbaar in het gebied van de algehele anaesthesie, niet bij getallen boven de 70/80. Voordelen van de slaapdiepte-meting zijn o.a. : minder medicatie nodig, sneller wakker worden. minder hypotensie. Deze vorm van monitoring is geïndiceerd bij bijvoorbeeld de cardiaal belaste patiënt en bij hartoperaties, sectio caesarea, langdurig iv. propofol, epidurale anaesthesie en bij laparoscopie.
In de literatuur zijn verschillende artikelen verschenen die de betrouwbaarheid van slaap-dieptemonitoren betwijfelden. Later verschenen deze bevindingen in de (inter)nationale pers. In 2008 verscheen er zelfs een Hollywoodfilm, “Awake” waarin de angst voor een peroperatief bewust zijn een belangrijk item was. Myler, die in 2004 de betrouwbaarheid aantoonde in de B-aware-studie, beschreef in 2010 het vervolgonderzoek bij ruim 2000 patiënten, die in 2004 een algehele anaesthesie met BISS-monitoring ondergingen. Patiënten waarbij tijdens de operatie gedurende langer dan 5 min een BISS van lager dan 40 gezien werd, hadden een verhoogde kans op een hartinfarct en CVA in de postoperatieve periode.
Deze wijze van monitoring behoeft zeker nog verder onderzoek maar heeft zijn plaats bij bepaalde patiëntengroepen en operaties reeds bewezen. In de toekomst zal verdere ver-betering van de meettechniek en interpretatie plaatsvinden.
Verdere anesthesiologische verbeteringen liggen met name op het gebied van locoregionale anaesthesie met 3D- echografie en in kennis van de farmacokinetiek bij snelle en langzame metaboliseerders.
Hoe ziet het werk van de huidige anesthesioloog eruit? Hoe kan hij/zij patiënten zo goed mogelijk monitoren ofwel hoe bepaalt hij de slaapdiepte? Om daar inzicht in te krijgen moeten we bekijken hoe de (pijn)prikkels die een chirurg teweeg brengt, door het lichaam verwerkt worden en hoe wij dit proces kunnen beïnvloeden.
De toegediende pijnprikkel wordt naar het ruggemerg doorgegeven, waarin via een reflex-boog een motorische reactie teweeg wordt gebracht. Via de lange banen komen de prikkels in het brein waarna opnieuw een reactie ontstaat. Reflexmatig is hierbij ook de (para)sym-pathicus betrokken, die hartslag en bloeddruk aanstuurt. De beïnvloeding van dit proces kan op verschillende posities in dit proces met verschillende groepen medicamenten.
Hierop zijn de drie pijlers van de anesthesie gebaseerd :
1. Pijnstilling via locaal anaesthesie of intraveneuze opiaten: bijvoorbeeld remifentanyl bij de partus, een ultrakortwerkend middel.
2. Slaap: iv ( propofol) of dampvormig. Deze laatste geven minder spierreflexen. Xenon is het middel met de minste cardio-depressiviteit.
3. Spierverslapping bijv. uit de groep met een quaternair ammonium, dat kan worden ge-antagoneerd met een nieuw, door Organon geproduceerd middel : Sugammadex .
Gestreefd wordt naar een evenwicht tussen deze drie pijlers, waarbij het doel is: voldoende anesthesiediepte met de minst mogelijke bijwerkingen. De juiste dosering van de farmaca kan gecontroleerd worden door monitoring : observatie van beweging, pupilreactie, huids-kleur en meting van bloeddruk, hartritme, O2-saturatie en end-tidal dampmeting.
Een relatief nieuwe vorm van monitoring is die van de slaapdiepte middels analyse van een éénkanaals EEG signaal. Er zijn verschillende typen : BISS, Entropy, Narcotrend. Zij verschillen met name in wijze en snelheid waarop het EEG-signaal wordt verwerkt. Het CWZ heeft geko-zen voor de Entropy-monitor. Hierbij wordt naast het EEG- ook het EMG-signaal verwerkt en omgezet in een getal tussen de 0 (zeer diepe slaap) en 100 (wakker) Het gebied tussen de 40 en de 60 geeft een algemene anaesthesie aan, < 40 een diephypnotische staat, 20 een Burst suppression . De Entropy is betrouwbaar in het gebied van de algehele anaesthesie, niet bij getallen boven de 70/80. Voordelen van de slaapdiepte-meting zijn o.a. : minder medicatie nodig, sneller wakker worden. minder hypotensie. Deze vorm van monitoring is geïndiceerd bij bijvoorbeeld de cardiaal belaste patiënt en bij hartoperaties, sectio caesarea, langdurig iv. propofol, epidurale anaesthesie en bij laparoscopie.
In de literatuur zijn verschillende artikelen verschenen die de betrouwbaarheid van slaap-dieptemonitoren betwijfelden. Later verschenen deze bevindingen in de (inter)nationale pers. In 2008 verscheen er zelfs een Hollywoodfilm, “Awake” waarin de angst voor een peroperatief bewust zijn een belangrijk item was. Myler, die in 2004 de betrouwbaarheid aantoonde in de B-aware-studie, beschreef in 2010 het vervolgonderzoek bij ruim 2000 patiënten, die in 2004 een algehele anaesthesie met BISS-monitoring ondergingen. Patiënten waarbij tijdens de operatie gedurende langer dan 5 min een BISS van lager dan 40 gezien werd, hadden een verhoogde kans op een hartinfarct en CVA in de postoperatieve periode.
Deze wijze van monitoring behoeft zeker nog verder onderzoek maar heeft zijn plaats bij bepaalde patiëntengroepen en operaties reeds bewezen. In de toekomst zal verdere ver-betering van de meettechniek en interpretatie plaatsvinden.
Verdere anesthesiologische verbeteringen liggen met name op het gebied van locoregionale anaesthesie met 3D- echografie en in kennis van de farmacokinetiek bij snelle en langzame metaboliseerders.
woensdag 27 oktober 2010
Vereniging Oud Medische Stafleden CWZ
Nijmegen, 26-10-2010
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de borrel zo mogelijk mèt partner van onze vereniging op
Woensdag 3 November as. om 17. 00 uur Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
Dr. W. Gerrits, anaesthesioloog CWZ: regulatie en meting van de anesthesie-diepte middels monitoring.
Ivm.reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (met menukeuze) na afloop.
Menu keuze:
1. Gegrilde zeetongfilets met vongole en zacht gestoofde prei en schuimige citroen-botersaus.
2. Zeeuwse lamsrack met geroosterde pistache, acaciahoning en munt, waarbij portjus.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
Nijmegen, 26-10-2010
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de borrel zo mogelijk mèt partner van onze vereniging op
Woensdag 3 November as. om 17. 00 uur Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
Dr. W. Gerrits, anaesthesioloog CWZ: regulatie en meting van de anesthesie-diepte middels monitoring.
Ivm.reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (met menukeuze) na afloop.
Menu keuze:
1. Gegrilde zeetongfilets met vongole en zacht gestoofde prei en schuimige citroen-botersaus.
2. Zeeuwse lamsrack met geroosterde pistache, acaciahoning en munt, waarbij portjus.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
donderdag 30 september 2010
Nieuwe ontwikkelingen in de radiologie; Abstract voordracht A.Molenaar dd 1-9-2010
De grootte van de praktijk is tov 1989 bijna verdubbeld van 89.000 naar 170.000 verrichtingen. Analoge foto's worden niet meer gemaakt: alles is nu digitaal op een scherm te zien. Het rö-foto-archief is verdwenen, waardoor extra ruimte ter beschikking is gekomen. De specialist-aanvrager kan nu na honorering van zijn digitale aanvraag direct de opname zien. Ook mangementgegevens zijn nu on line dus makkeleijker te sturen. Er was 1 echo apparaat, nu binnenkort 6. De MRI capaciteit is toegenomen van 0,5 naar binnenkort 3 tesla.
Echografie: - meer indicaties: bijv. appendicitis, oppervlakkige afwijkingen als lipoom en ganglion. - toepassingen bij vaat- onderzoek en -ingrepen. - Doppler onderzoek arterieel en veneus zowel zwart/wit als in kleur.
CT-veranderingen: - multislice met tot 256 detectoren, dus gehele lichaam scanbaar - SpiraalCT
Er worden nu twee rotaties gemaakt met 4 sneden per rotatatie, hierdoor zijn coupes van 1 mm. in plaats van 1 cm. mogelijk. Met de sleepringtechniek kunnen 1000 opnames in 10 seconden worden gemaakt. Hierdoor is de stralenbelasting voor patiënt én arts wel veel groter geworden.
MRI onderzoek vindt nu vooral plaats bij onderzoek van het kniegewricht en is onmisbaar in de neurologie.
PetCT-scan geeft een zeer specifiek beeld en localisatie van de afwijking.
Niet meer worden gemaakt: maag- en colonfoto's (gedeeltelijk vervangen door CT-coloscopie) diagnostische angio's, caudografie, ventilatie/perfusiescans en arteriografiën. Met Ct-scanning wordt 5-7 keer per etmaal onderzoek gedaan naar longembolie.
Speerpunten zijn:
1. Interventie (hiervoor 2 jaar extra opleiding): angio, drainage, biopten). Nu 2 radiologen, voordiensten in comb. met UMC 6 beschikbaar). Verrichten 500 therapeutische angio's vnl. voor claudicatio. Verbeterd door beter stentmateriaal en vaatbesprekingen. Andere voorbeelden van interventie bij longtumoren met V. cava sup.-syndroom→ stentin VCS. Aneurysma aortae (EVAR). Nog niet bij gebarsten aneurysma (wel in Radboud), omdat dan 2 laborantes (CT en angio) dienst moeten doen.
2. Cardiodiagnostiek: calciumscore bloedvaten, afbeelden coronaire vaten (stenose aantoonbaar tot in vaten van 1,5 cm.diameter).
3. Mammografie: verberd door digitalisatie → zelfs niet palpabele afwijkingen zichtbaar te maken. Tevens biopt via MRI mogelijk.
4. MRI colon: poliepen ≥ 1,5 cm aantoonbaar.
Veranderingen op de afdeling:
1. Protocollering van de diverse wetenschapelijke verenigingen, zoals: geen ERCP zonder MRCP; appendicitisdiagnostiek;.
2. Logistiek: one stop shop; slots
3. Meerdere afdelingen: CWZ, Sanadome, Waalsprong, Druten, Mill (eigen initiatief radiologen)
4. Specialisatie radiologen: vaten, interventie, CT/MRI met interventie en binnenkort cryoplastiek.
Echografie: - meer indicaties: bijv. appendicitis, oppervlakkige afwijkingen als lipoom en ganglion. - toepassingen bij vaat- onderzoek en -ingrepen. - Doppler onderzoek arterieel en veneus zowel zwart/wit als in kleur.
CT-veranderingen: - multislice met tot 256 detectoren, dus gehele lichaam scanbaar - SpiraalCT
Er worden nu twee rotaties gemaakt met 4 sneden per rotatatie, hierdoor zijn coupes van 1 mm. in plaats van 1 cm. mogelijk. Met de sleepringtechniek kunnen 1000 opnames in 10 seconden worden gemaakt. Hierdoor is de stralenbelasting voor patiënt én arts wel veel groter geworden.
MRI onderzoek vindt nu vooral plaats bij onderzoek van het kniegewricht en is onmisbaar in de neurologie.
PetCT-scan geeft een zeer specifiek beeld en localisatie van de afwijking.
Niet meer worden gemaakt: maag- en colonfoto's (gedeeltelijk vervangen door CT-coloscopie) diagnostische angio's, caudografie, ventilatie/perfusiescans en arteriografiën. Met Ct-scanning wordt 5-7 keer per etmaal onderzoek gedaan naar longembolie.
Speerpunten zijn:
1. Interventie (hiervoor 2 jaar extra opleiding): angio, drainage, biopten). Nu 2 radiologen, voordiensten in comb. met UMC 6 beschikbaar). Verrichten 500 therapeutische angio's vnl. voor claudicatio. Verbeterd door beter stentmateriaal en vaatbesprekingen. Andere voorbeelden van interventie bij longtumoren met V. cava sup.-syndroom→ stentin VCS. Aneurysma aortae (EVAR). Nog niet bij gebarsten aneurysma (wel in Radboud), omdat dan 2 laborantes (CT en angio) dienst moeten doen.
2. Cardiodiagnostiek: calciumscore bloedvaten, afbeelden coronaire vaten (stenose aantoonbaar tot in vaten van 1,5 cm.diameter).
3. Mammografie: verberd door digitalisatie → zelfs niet palpabele afwijkingen zichtbaar te maken. Tevens biopt via MRI mogelijk.
4. MRI colon: poliepen ≥ 1,5 cm aantoonbaar.
Veranderingen op de afdeling:
1. Protocollering van de diverse wetenschapelijke verenigingen, zoals: geen ERCP zonder MRCP; appendicitisdiagnostiek;.
2. Logistiek: one stop shop; slots
3. Meerdere afdelingen: CWZ, Sanadome, Waalsprong, Druten, Mill (eigen initiatief radiologen)
4. Specialisatie radiologen: vaten, interventie, CT/MRI met interventie en binnenkort cryoplastiek.
woensdag 22 september 2010
Nieuw Lidmaatschap VOMS
Als nieuw lid van onze vereniging heten wij Dick Rijken van harte welkom. Dick is revalidatiearts, hij is de grondlegger van de revalidatie als opleidingsunit en tevens de eerste revalidatiearts die frequent vanuit de Sint Maartenskliniek naar het CWZ kwam en ook daar actief was in de staf en de centrale opleidingscommissie.
Cor Frenken
Cor Frenken
dinsdag 24 augustus 2010
Bericht van de voorzitter
Geachte collegae,
Hieronder de invitatie voor 1 september. Ditmaal een spreker met een heel boeiend onderwerp. André blijft ook eten, omdat hij het leuk vindt, zoveel bekende gezichten terug te zien!
Tevens is er een invitatie binnengekomen voor een afscheidssymposium op Woensdag 6 oktober 2010 in de van Jo Gorgels, die na 10 jaar afscheid neemt van de medisch diagnostische laboratoria in Haarlem en Beverwijk, die hij tot samenwerking heeft gebracht in Medial.
Het programma begint om 13 u30,is gewijd aan patiëntveiligheid en kwaliteiten wordt afgesloten met een receptie en feestelijk buffet in de Philharmonie te Haarlem. Het programma is in te zien op onze bijeenkomst op 1 september.
Roy
Hieronder de invitatie voor 1 september. Ditmaal een spreker met een heel boeiend onderwerp. André blijft ook eten, omdat hij het leuk vindt, zoveel bekende gezichten terug te zien!
Tevens is er een invitatie binnengekomen voor een afscheidssymposium op Woensdag 6 oktober 2010 in de van Jo Gorgels, die na 10 jaar afscheid neemt van de medisch diagnostische laboratoria in Haarlem en Beverwijk, die hij tot samenwerking heeft gebracht in Medial.
Het programma begint om 13 u30,is gewijd aan patiëntveiligheid en kwaliteiten wordt afgesloten met een receptie en feestelijk buffet in de Philharmonie te Haarlem. Het programma is in te zien op onze bijeenkomst op 1 september.
Roy
Bijeenkomst 1 september 2010
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de borrel van onze vereniging op
Woensdag 1 september as. om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
Spreker: André Molenaar, radiodiagnost CWZ:
Nieuwe ontwikkelingen in de radiologie CWZ
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd na afloop.
Menu keuze: 1. Rosé gebraden Reebout met bramenjus en mousseline
van pastinaak.
2. Gebakken tarbotfilet , gestoofde venkel en een saus
van Hollandse garnalen.
Abstracts van de gehouden voordrachten kunt u lezen op onderstaande website.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
Hierbij nodigen wij u uit voor de borrel van onze vereniging op
Woensdag 1 september as. om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
Spreker: André Molenaar, radiodiagnost CWZ:
Nieuwe ontwikkelingen in de radiologie CWZ
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd na afloop.
Menu keuze: 1. Rosé gebraden Reebout met bramenjus en mousseline
van pastinaak.
2. Gebakken tarbotfilet , gestoofde venkel en een saus
van Hollandse garnalen.
Abstracts van de gehouden voordrachten kunt u lezen op onderstaande website.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
woensdag 28 juli 2010
Bijeenkomst woensdag 4 augustus 2010
Geachte collegae,
Dit jaar alweer de laatste gelegenheid elkaar te ontmoeten in de zomerzon bij een gezellige borrel met door de vereniging aangeboden heerlijke hapjes. Het menu daarna is tot stand gekomen na intensief overleg met de kok.
Wim van Erp is deze namiddag uw gastheer.
Roy Go
Wim van Erp.
Dit jaar alweer de laatste gelegenheid elkaar te ontmoeten in de zomerzon bij een gezellige borrel met door de vereniging aangeboden heerlijke hapjes. Het menu daarna is tot stand gekomen na intensief overleg met de kok.
Wim van Erp is deze namiddag uw gastheer.
Roy Go
Wim van Erp.
woensdag 30 juni 2010
Zomerborrel 7 juli 2010
Vereniging Oud Medische Stafleden CWZ
Nijmegen, 28-06-2010
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de borrel zo mogelijk mèt partner van onze vereniging op
Woensdag 7 juli as. om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
Zoals afgesproken is er in de zomermaanden geen voordracht, maar uitsluitend een borrel, waarvan de aankleding door de vereniging wordt aangeboden.
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (met menukeuze) na afloop.
Menu keuze:
1 Gebakken doradefilet met Gamba, romige polenta en balsamico.
2. Rosé gebraden lamsrack met ratatouile en Calvados saus.
Aanmeldingen of afzeggingen op de 7e juli zelf kunt u telefonisch doorgeven aan hostellerie Rozenhof.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
Nijmegen, 28-06-2010
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de borrel zo mogelijk mèt partner van onze vereniging op
Woensdag 7 juli as. om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
Zoals afgesproken is er in de zomermaanden geen voordracht, maar uitsluitend een borrel, waarvan de aankleding door de vereniging wordt aangeboden.
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (met menukeuze) na afloop.
Menu keuze:
1 Gebakken doradefilet met Gamba, romige polenta en balsamico.
2. Rosé gebraden lamsrack met ratatouile en Calvados saus.
Aanmeldingen of afzeggingen op de 7e juli zelf kunt u telefonisch doorgeven aan hostellerie Rozenhof.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
zondag 16 mei 2010
Longcarcinoom en stagering van het mediastinum.
dr. W. van den Berg, longarts CWZ.
Voordracht op 5 mei 2010 voor VOMS
Longca kwam lange tijd het meest bij mannen voor; de laatste jaren echter het meest bij vrouwen. De oorzaak hiervan is, dat longca X-linked is (vrouwen hebben 2 X chromosomen ) en hierdoor gemakkelijker een longcarcinoom kunnen krijgen zonder te roken. Bovendien zijn vrouwen meer gaan roken. Bij mannen wordt het ca bij 86% veroorzaakt door roken. Tov. niet-rokers hebben rokende mannen 22 x, vrouwen 12 x meer kans op het ontstaan van een longca. Rookverslaving is genetisch bepaald.
De diagnose wordt gesteld op de symptomen ( kriebelhoest, verandering van hoest-karakter, pijn, dyspnoe, hemoptoë, heesheid, spontaan stoppen met roken) , lichamelijk onderzoek: asymmetrie in fysische bevindingen, X thorax, PET-CT→20% minder longoperaties), bronchoscopie, blinde Transbronchiale Naald Aspiratie (TBNA), medische mediastinoscopie (EBUS), chirurgische mediastinoscopie.
We onderscheiden plaveiselcel Ca , adenoCa, kleincellig Ca, grootcellig Ca, bronchiolo-alveo-lair ca en bijzondere tumoren.
Therapie: Resectietherapie (18%). Pneumectomie , lobectomie. Wigexcisie is interessant bij comorbiditeit als de hilus niet betrokken is .
Stagering: dmv. PET-CT, Bronchoscopie, blinde TBNA (transbronchulaire naald aspiratie) op geleide van PET-CT, EBUS (oesofago-bronchulaire ultrasound), Chirurgische mediastinosco-pie.
De TBNA maakte sinds de introductie in 1958 met de starre naald een ontwikkeling door via mediastinoscopie, flexibele bronchoscopie,flexibele naald (Wang), Boston naald en sinds 2004 real time lineaire EBUS op de flexibele bronchoscoop.
Het medistinum wordt gestageerd door de PETscan: PET positieve en PET negatieve klieren.
Met de mediastinoscopie kunnen drie klierniveaus bereikt worden, met oesophageale ultra-sound (EUS) kunnen niet alle drie niveau’s maar wel meer caudaal gelegen klieren worden bereikt, met de EBUS kunnen echter zowel de drie niveau’s als de hilusklieren worden be-reikt. In het CWZ kan met de blinde TBNA 70-80% van de positieve klieren worden gebiopteerd en met de EBUS circa 90%. Met de EBUS treden 100 x minder complicaties op dan met de chirurgische mediastinoscopie.
Na vergelijkend onderzoek in het CWZ tussen de resultaten van geopereerde patienten na een chirurgische mediastinoscopie resp. na een EBUS (medische mediastinoscopie) blijkt dat de resultaten vergelijkbaar zijn. Er kan namelijk met de EBUS een sensitiviteit worden bereikt van 92-93% en een negatieve voorspellende waarde van 87% versus met de chirurgische mediastinoscopie 90%). In het CWZ is met de chirurgen hierover consensus bereikt.
De spreker dringt erop aan, dat de EBUS in de longartsenopleiding wordt opgenomen.
dr. W. van den Berg, longarts CWZ.
Voordracht op 5 mei 2010 voor VOMS
Longca kwam lange tijd het meest bij mannen voor; de laatste jaren echter het meest bij vrouwen. De oorzaak hiervan is, dat longca X-linked is (vrouwen hebben 2 X chromosomen ) en hierdoor gemakkelijker een longcarcinoom kunnen krijgen zonder te roken. Bovendien zijn vrouwen meer gaan roken. Bij mannen wordt het ca bij 86% veroorzaakt door roken. Tov. niet-rokers hebben rokende mannen 22 x, vrouwen 12 x meer kans op het ontstaan van een longca. Rookverslaving is genetisch bepaald.
De diagnose wordt gesteld op de symptomen ( kriebelhoest, verandering van hoest-karakter, pijn, dyspnoe, hemoptoë, heesheid, spontaan stoppen met roken) , lichamelijk onderzoek: asymmetrie in fysische bevindingen, X thorax, PET-CT→20% minder longoperaties), bronchoscopie, blinde Transbronchiale Naald Aspiratie (TBNA), medische mediastinoscopie (EBUS), chirurgische mediastinoscopie.
We onderscheiden plaveiselcel Ca , adenoCa, kleincellig Ca, grootcellig Ca, bronchiolo-alveo-lair ca en bijzondere tumoren.
Therapie: Resectietherapie (18%). Pneumectomie , lobectomie. Wigexcisie is interessant bij comorbiditeit als de hilus niet betrokken is .
Stagering: dmv. PET-CT, Bronchoscopie, blinde TBNA (transbronchulaire naald aspiratie) op geleide van PET-CT, EBUS (oesofago-bronchulaire ultrasound), Chirurgische mediastinosco-pie.
De TBNA maakte sinds de introductie in 1958 met de starre naald een ontwikkeling door via mediastinoscopie, flexibele bronchoscopie,flexibele naald (Wang), Boston naald en sinds 2004 real time lineaire EBUS op de flexibele bronchoscoop.
Het medistinum wordt gestageerd door de PETscan: PET positieve en PET negatieve klieren.
Met de mediastinoscopie kunnen drie klierniveaus bereikt worden, met oesophageale ultra-sound (EUS) kunnen niet alle drie niveau’s maar wel meer caudaal gelegen klieren worden bereikt, met de EBUS kunnen echter zowel de drie niveau’s als de hilusklieren worden be-reikt. In het CWZ kan met de blinde TBNA 70-80% van de positieve klieren worden gebiopteerd en met de EBUS circa 90%. Met de EBUS treden 100 x minder complicaties op dan met de chirurgische mediastinoscopie.
Na vergelijkend onderzoek in het CWZ tussen de resultaten van geopereerde patienten na een chirurgische mediastinoscopie resp. na een EBUS (medische mediastinoscopie) blijkt dat de resultaten vergelijkbaar zijn. Er kan namelijk met de EBUS een sensitiviteit worden bereikt van 92-93% en een negatieve voorspellende waarde van 87% versus met de chirurgische mediastinoscopie 90%). In het CWZ is met de chirurgen hierover consensus bereikt.
De spreker dringt erop aan, dat de EBUS in de longartsenopleiding wordt opgenomen.
zaterdag 1 mei 2010
Uitnodiging 5 mei Borrel
Nijmegen, 28-04-2010
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de borrel van onze vereniging op
Woensdag 5 Mei as. om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
Voordracht:
: Longcarcinoom en Stagering van het Mediastinum
dr. W. van den Berg, longarts CWZ.
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de borrel van onze vereniging op
Woensdag 5 Mei as. om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
Voordracht:
: Longcarcinoom en Stagering van het Mediastinum
dr. W. van den Berg, longarts CWZ.
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
Nijmegen, 8 April 2010
Notulen Jaarvergadering 7 april 2010
1. Het jaarverslag van de penningmeester wordt goedgekeurd.
2. Het bestuur is voor de komende 3 jaar herbenoemd met uitbreiding met Cor Frenken.
3. Tegen de toelating van partners tot het diner na elke vergadering bestond oppositie van Herman Deleu, die vond, dat de discussie aan tafel dan te sterk moest worden ingeperkt tot de belangstellingssfeer van de partners. Verder was er ook weinig steun voor het voorstel. Het voorstel is derhalve ingetrokken. Van de kant van Jos Hoogbergen was er veel kritiek op de kwaliteit van het eten. Dit kon door de regelmatige mee-eters toch niet worden bevestigd. Wel zijn er voorstellen om het menu te variëren met het dagmenu.
4. De notebook kan worden aangeschaft. Wilfried's suggestie om een Acer aan te schaffen wordt gesteund door een recente beoordeling in de Consumentengids.
5. Rondvraag: Er is een voorstel van Van Baarle om chronisch zieke oud-stafleden jaarlijks een bloemetje met briefje van medeleven te sturen. Als voorbeeld noemde Paul Harry van Lith en Anton van der Leek. Hier stond men sympathiek tegenover. We zullen in onderling bestuursoverleg hier nog enige vorm aan moeten geven. We moeten natuurlijk niet de schijn van selectiviteit op ons laden. Ook weten we niet altijd wie er chronisch ziek thuis liggen en hoe de individuele omstandigheden zijn.
Uit vreugde voor de algemene steun voor herbenoeming, hebben de aanwezige bestuursleden besloten tot een rondje.
Roy Go, notulist
Notulen Jaarvergadering 7 april 2010
1. Het jaarverslag van de penningmeester wordt goedgekeurd.
2. Het bestuur is voor de komende 3 jaar herbenoemd met uitbreiding met Cor Frenken.
3. Tegen de toelating van partners tot het diner na elke vergadering bestond oppositie van Herman Deleu, die vond, dat de discussie aan tafel dan te sterk moest worden ingeperkt tot de belangstellingssfeer van de partners. Verder was er ook weinig steun voor het voorstel. Het voorstel is derhalve ingetrokken. Van de kant van Jos Hoogbergen was er veel kritiek op de kwaliteit van het eten. Dit kon door de regelmatige mee-eters toch niet worden bevestigd. Wel zijn er voorstellen om het menu te variëren met het dagmenu.
4. De notebook kan worden aangeschaft. Wilfried's suggestie om een Acer aan te schaffen wordt gesteund door een recente beoordeling in de Consumentengids.
5. Rondvraag: Er is een voorstel van Van Baarle om chronisch zieke oud-stafleden jaarlijks een bloemetje met briefje van medeleven te sturen. Als voorbeeld noemde Paul Harry van Lith en Anton van der Leek. Hier stond men sympathiek tegenover. We zullen in onderling bestuursoverleg hier nog enige vorm aan moeten geven. We moeten natuurlijk niet de schijn van selectiviteit op ons laden. Ook weten we niet altijd wie er chronisch ziek thuis liggen en hoe de individuele omstandigheden zijn.
Uit vreugde voor de algemene steun voor herbenoeming, hebben de aanwezige bestuursleden besloten tot een rondje.
Roy Go, notulist
donderdag 25 maart 2010
Wat is de pijn van de pijn ?
VOORDRACHT
Inleider: dr. H. Samwel, Klinisch psycholoog CWZ en UMC St Radboud.
18 aanwezige leden op VOMS bijeenkomst dd. 3 maart 2010.
Doelstelling: Welke psychologische factoren hebben invloed op:
1. De intensiteit van de pijnbeleving en de daarmede samenhangende functione- le beperkingen?
2. De effecten van pijn behandeling.
Begonnen wordt met het confronteren van de aanwezigen met een aantal stel-lingen. Hierbij blijkt dat pijn niet persé gevoeld wordt als we gewond zijn. De hersenen beslissen wanneer we pijn waarnemen en zenuwvezels kunnen reage-ren door de prikkeldrempel aan te passen..
Van de algemene populatie blijkt 19% chronische pijn te hebben, 59% daarvan heeft pijn langer dan 2 jaar, 21% van de groep chronische pijn heeft tevens een gediagnosticeerde depressie.
Pijn kan worden gedefinieerd als een onplezierige sensorische en emotionele er-varing, die gepaard gaat met (mogelijke) weefselbeschadiging (IASP 1979). Of:
Pijn is wat degene die pijn heeft, zegt dat het is en het bestaat telkens als hij zegt, dat het bestaat (Ms Caffery 1979)
Biomedische, psychologische en sociale factoren hebben invloed op pijn en be-ïnvloeden elkaar ook onderling.
Onderzoek bij 54 patienten met chronische nekpijn die een RF-laesie behandeling ondergingen toonde aan, dat er nauwelijks een correlatie bestaat tussen pijn-verandering en fysieke beperkingen en tussen catastroferen vóór behandeling en de pijnverandering.
Bij chronische pijn kan vaak geen weefselbeschadiging worden aangetoond.
Alle elementen van ons zenuwstelsel vertonen plastische veranderingen, die het
geheugen vormen van leer- en ervaringsprocessen. Ook chronische pijn geeft deze veranderingen,waarvoor echter vooralsnog geen medische behandeling bekend is. Bekend is bij bepaalde vormen van chronische pijn de manuele behandeling door mevrouw Shinka, een manueel therapeute in Macedonië, die de pijnlijke extremiteit buigt door de pijn heen. Bij pijn treedt een cyclus van emoties, gedrag en cognities op.
Chronische pijn → catastroferen → angst en hulpeloosheid → vermijdings-gedrag → depressie → chronische pijn.
Alternatief: chronische pijn → acceptatie →conrfontatie → herstel.
Pijn kan leiden tot vermijdingsgedrag (vrees voor pijn) of overbelasting (vrees voor falen).
Door op de polikliniek op een kaart acceptatie, hulpeloosheid, bewegingsangst, algemeen welbevinden, verwachting van de patiënt tov behandelcentrum, attri-butie en beperkingen semikwantitatief te scoren, kan de diagnose worden verfijnd en de daaruit voortvloeiende behandeling worden verbeterd en het succes ervan door nametingen worden vastgelegd.
dr. I.H. Go, notulist.
Inleider: dr. H. Samwel, Klinisch psycholoog CWZ en UMC St Radboud.
18 aanwezige leden op VOMS bijeenkomst dd. 3 maart 2010.
Doelstelling: Welke psychologische factoren hebben invloed op:
1. De intensiteit van de pijnbeleving en de daarmede samenhangende functione- le beperkingen?
2. De effecten van pijn behandeling.
Begonnen wordt met het confronteren van de aanwezigen met een aantal stel-lingen. Hierbij blijkt dat pijn niet persé gevoeld wordt als we gewond zijn. De hersenen beslissen wanneer we pijn waarnemen en zenuwvezels kunnen reage-ren door de prikkeldrempel aan te passen..
Van de algemene populatie blijkt 19% chronische pijn te hebben, 59% daarvan heeft pijn langer dan 2 jaar, 21% van de groep chronische pijn heeft tevens een gediagnosticeerde depressie.
Pijn kan worden gedefinieerd als een onplezierige sensorische en emotionele er-varing, die gepaard gaat met (mogelijke) weefselbeschadiging (IASP 1979). Of:
Pijn is wat degene die pijn heeft, zegt dat het is en het bestaat telkens als hij zegt, dat het bestaat (Ms Caffery 1979)
Biomedische, psychologische en sociale factoren hebben invloed op pijn en be-ïnvloeden elkaar ook onderling.
Onderzoek bij 54 patienten met chronische nekpijn die een RF-laesie behandeling ondergingen toonde aan, dat er nauwelijks een correlatie bestaat tussen pijn-verandering en fysieke beperkingen en tussen catastroferen vóór behandeling en de pijnverandering.
Bij chronische pijn kan vaak geen weefselbeschadiging worden aangetoond.
Alle elementen van ons zenuwstelsel vertonen plastische veranderingen, die het
geheugen vormen van leer- en ervaringsprocessen. Ook chronische pijn geeft deze veranderingen,waarvoor echter vooralsnog geen medische behandeling bekend is. Bekend is bij bepaalde vormen van chronische pijn de manuele behandeling door mevrouw Shinka, een manueel therapeute in Macedonië, die de pijnlijke extremiteit buigt door de pijn heen. Bij pijn treedt een cyclus van emoties, gedrag en cognities op.
Chronische pijn → catastroferen → angst en hulpeloosheid → vermijdings-gedrag → depressie → chronische pijn.
Alternatief: chronische pijn → acceptatie →conrfontatie → herstel.
Pijn kan leiden tot vermijdingsgedrag (vrees voor pijn) of overbelasting (vrees voor falen).
Door op de polikliniek op een kaart acceptatie, hulpeloosheid, bewegingsangst, algemeen welbevinden, verwachting van de patiënt tov behandelcentrum, attri-butie en beperkingen semikwantitatief te scoren, kan de diagnose worden verfijnd en de daaruit voortvloeiende behandeling worden verbeterd en het succes ervan door nametingen worden vastgelegd.
dr. I.H. Go, notulist.
vrijdag 26 februari 2010
De Oudere Specialist
Hoe houden we het tot de laatste werkdag toe, prettig vol?
Inleider: Rick Poels, neuroloog, CWZ 3 Februari 2010.
De inleider was Tactisch Manager Medische staf (TMM), tevens aanspreekmanager voor oudere specialisten in het CWZ, die de laatste jaren voor hun pensionering in de problemen waren gekomen. Over het onderwerp bestaat vrijwel geen literatuur. Samen met het bureau Sibbing- Van de Wateler werd een discussie avond voor de medische staf hierover opgezet, die met veel enthousiasme werd aangehoord. Bij een rondgang langs de maatschappen over de effectuering van een beleid voor de oudere collegae werd echter teleurstellend gereageerd:
1. De maatschap was te klein
2. De maatschap was nu eenmaal op productie gericht.
3. De maatschapsvorm houdt nu eenmaal in, dat de maten zelf moeten zorgen voor sociale voorzieningen.
4. Hoe kon je er zeker van zijn, dat dezelfde, nu eventueel in te nemen tegemoetkomende hou-ding zal worden ingenomen door in de toekomst ingetreden maten tov. de dan ouderen.
De teleurstellende resultaten noopten de TMM, mede omdat de functie begin dit jaar verviel, de verdere uitvoering aan een eventuele opvolger over te laten.
De argumenten vóór invoering van een “ouderen”beleid zijn:
1. De belastbaarheid en effectieve productie van de mens neemt met de leeftijd na het 45-50e jaar af.
2. Preventie van burned out geraken.
3. De oudere maten zijn meestal wel bereid om een gedeelte van hun inkomen navenant aan de verkorting van de arbeidstijd in te leveren
4. Behoud van expertise in de maatschap.
5. Herverdeling van werk, zoals grotere bijdrage aan managementtaken, opleiding, landelijke vakverenigingen kan aan de ouderen worden toegewezen. De maatschap zal dan wel eerst een besluit moeten hebben genomen, hoever zij aan deze projecten wil medewerken.
6. Verbetering van de collegiale sfeer in de maatschap en het scheppen van een voorbeeld of precedent voor de eigen oudere leeftijdsjaren.
Contra-argumenten:
1. De maatschapsvorm houdt in, dat een volledig ondernemersrisico door de leden wordt gedragen: WAO, faillissement, bedrijfsrisico’s (kosten, werkruimte, wanbetalers, verande-rend overheidsbeleid, aansprakelijkheid), pensioenregeling, financiering.
2. Er moet voldoende opvang blijven voor waarneming, diensten, overleg.
3. Er moet motivatie zijn om de problemen van een ander op te lossen, terwijl er geen zeker-heid is, dat de anderen dat ook voor jou zullen doen.
Tijdens de gesprekken met de maatschappen bleek ook, dat de pas tot de maatschap toegetreden specialisten eigenlijk niet voldoende waren ingewerkt in bovengenoemde problematiek. De TMM heeft daarom aangedrongen op de vorming van jaargroepen (jaarclubs), waarbinnen over elkaars problemen gesproken kan worden.
Roy I. H. Go, notulist.
Inleider: Rick Poels, neuroloog, CWZ 3 Februari 2010.
De inleider was Tactisch Manager Medische staf (TMM), tevens aanspreekmanager voor oudere specialisten in het CWZ, die de laatste jaren voor hun pensionering in de problemen waren gekomen. Over het onderwerp bestaat vrijwel geen literatuur. Samen met het bureau Sibbing- Van de Wateler werd een discussie avond voor de medische staf hierover opgezet, die met veel enthousiasme werd aangehoord. Bij een rondgang langs de maatschappen over de effectuering van een beleid voor de oudere collegae werd echter teleurstellend gereageerd:
1. De maatschap was te klein
2. De maatschap was nu eenmaal op productie gericht.
3. De maatschapsvorm houdt nu eenmaal in, dat de maten zelf moeten zorgen voor sociale voorzieningen.
4. Hoe kon je er zeker van zijn, dat dezelfde, nu eventueel in te nemen tegemoetkomende hou-ding zal worden ingenomen door in de toekomst ingetreden maten tov. de dan ouderen.
De teleurstellende resultaten noopten de TMM, mede omdat de functie begin dit jaar verviel, de verdere uitvoering aan een eventuele opvolger over te laten.
De argumenten vóór invoering van een “ouderen”beleid zijn:
1. De belastbaarheid en effectieve productie van de mens neemt met de leeftijd na het 45-50e jaar af.
2. Preventie van burned out geraken.
3. De oudere maten zijn meestal wel bereid om een gedeelte van hun inkomen navenant aan de verkorting van de arbeidstijd in te leveren
4. Behoud van expertise in de maatschap.
5. Herverdeling van werk, zoals grotere bijdrage aan managementtaken, opleiding, landelijke vakverenigingen kan aan de ouderen worden toegewezen. De maatschap zal dan wel eerst een besluit moeten hebben genomen, hoever zij aan deze projecten wil medewerken.
6. Verbetering van de collegiale sfeer in de maatschap en het scheppen van een voorbeeld of precedent voor de eigen oudere leeftijdsjaren.
Contra-argumenten:
1. De maatschapsvorm houdt in, dat een volledig ondernemersrisico door de leden wordt gedragen: WAO, faillissement, bedrijfsrisico’s (kosten, werkruimte, wanbetalers, verande-rend overheidsbeleid, aansprakelijkheid), pensioenregeling, financiering.
2. Er moet voldoende opvang blijven voor waarneming, diensten, overleg.
3. Er moet motivatie zijn om de problemen van een ander op te lossen, terwijl er geen zeker-heid is, dat de anderen dat ook voor jou zullen doen.
Tijdens de gesprekken met de maatschappen bleek ook, dat de pas tot de maatschap toegetreden specialisten eigenlijk niet voldoende waren ingewerkt in bovengenoemde problematiek. De TMM heeft daarom aangedrongen op de vorming van jaargroepen (jaarclubs), waarbinnen over elkaars problemen gesproken kan worden.
Roy I. H. Go, notulist.
donderdag 25 februari 2010
Bijeenkomst 3 maart 2010
Nijmegen, 24-2-2010 2009
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op
Woensdag 3 Maart om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
VOORDRACHT: Wat is de Pijn van pijn?
Inleider: H. Samwell, Klinisch psycholoog CWZ.
De Nijmeegse Universiteit heeft een goede naam opgebouwd in onderzoek in de pathofysiologie en bestrijding van pijn. De inleider schreef een proefschrift over psychologische factorendie van van belang zijn bij de behandeling van pijn..
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op
Woensdag 3 Maart om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
VOORDRACHT: Wat is de Pijn van pijn?
Inleider: H. Samwell, Klinisch psycholoog CWZ.
De Nijmeegse Universiteit heeft een goede naam opgebouwd in onderzoek in de pathofysiologie en bestrijding van pijn. De inleider schreef een proefschrift over psychologische factorendie van van belang zijn bij de behandeling van pijn..
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
vrijdag 29 januari 2010
Bijeenkomst woensdag 3 februari 2010
Vereniging Oud Medische Stafleden CWZ
Nijmegen, 28-2-2010
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op
Woensdag 3 Februari om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
VOORDRACHT: De oudere specialist. Hoe houden we het tot de laatste werkdag
toe prettig vol?
Een boeiend onderwerp, waarbij van ons een actieve bijdrage in de discussie wordt verwacht.
Inleider: E. Poels, neuroloog en adviseur Bestuur Vereniging Medische Staf CWZ.
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
Nijmegen, 28-2-2010
Geachte collegae,
Hierbij nodigen wij u uit voor de bijeenkomst van onze vereniging op
Woensdag 3 Februari om 17. 00 uur
Hostellerie Rozenhof, Nijmeegsebaan 114, tel. 3230359
VOORDRACHT: De oudere specialist. Hoe houden we het tot de laatste werkdag
toe prettig vol?
Een boeiend onderwerp, waarbij van ons een actieve bijdrage in de discussie wordt verwacht.
Inleider: E. Poels, neuroloog en adviseur Bestuur Vereniging Medische Staf CWZ.
Ivm. reservering van zitplaatsen gaarne een berichtje of u komt en of u deelneemt aan de maaltijd (vis/vlees) na afloop.
Met vriendelijke groet, namens het bestuur
Roy Go
zaterdag 9 januari 2010
Nieuwste ontwikkelingen in de traumatologie
6-12-2009
Dr. W.A.H. van der Stappen, chirurg-traumatoloog CWZ.
Ontwikkeling nationaal: in 1994 zijn 11 traumacentra aangewezen nav. goede ervaringen in de USA met gespecialiseerde centra. Oorspronkelijk werden alleen de UMC’s, naast Zwolle, Tilburg en Enschede erkend. Het CWZ helaas niet, wat zich nu altijd nog vertaalt in het aantal verwezen traumapatiënten in Nijmegen: Radboud:CWZ= 300: 10. De verbeterde behandeling is te zien in de daling in mortaliteit: 1998: 1300, nu 800/jaar. De mortaliteit ligt in België 3-4x hoger, vooral ook door groter alcoholgebruik bij jongeren. Traumacentra hebben alle een mobiel team ( traumatoloog of anaesthesist met aanvullende opleiding/ verpleegkundige-navigator, piloot) , in busje en bij 4 centra ook helicopter stand- by van 7-19 uur, gefinancierd door de overheid. De helicopter van het Radboud zit nu in Vol-kel.Het bereik van de helicopter is 50-70 km. Het traumateam benadrukt een zo vroeg moge-lijke (golden hour) stabilisering van de patiënt met een zo snel mogelijk transport naar het ziekenhuis. Wettelijk moet het hoog opgeleide team (Mobiel Medisch Team) binnen 15 mi-nuten ter plaatse zijn. Alleen in Zeeland, Texel en Noord Friesland is de reistijd > 60 minuten. Er zijn 24 meldkamers.
Regionale indeling: Nijmegen zit in Trauma Regio Oost. Het CWZ zit op Level 2: alles wat no-dig is, behalve thoraxchirurgie. Het CWZ opent binnenkort een nieuwe spoedeisende hulp afdeling, waarin 6 plaatsen voor SEH-artsen in opleiding, achterwacht voor de traumatolo-gie, collumcare (de grootste groep wordt gevormd door de heupfracturen) en de nieuwste ontwikkelingen in dit vakgebied.
De SEH-artsenopleiding: - 3 jaar (wordt 5 jaar met uitbreiding in cardiologie en anaesthesie). - - 50% opSEH, 50% in stages. . – in CWZ al 8 artsen opgeleid. De opleiding is bij de huidige generatie jonge artsen erg in trek. Functie kan in part-time.
Collum care: heupfracturen worden op de SEH al behandeld in een totaalplan: antidecubitus-behandeling, geriater en andere specialisten in consult, herziening medicatie, evaluatie voedingstoestand, pijnbestrijding, planning operatie, dagelijks fysiotherapie, doorloop naar verpleegtehuis (Margriet). De behandeling gebeurt met ongecementeerde kop-hals-prothe-se, hoek-stabiele platen ingebracht via minimale- invasieve technieken met reductie van wondinfectie. Er is een goede samenwerking met de orthopeden.
Er is een onderscheid tussen primaire en secundaire inzet. Voorbeelden van primaire inzet zijn: handbeklemming, schotwond, penetrerend letsel. Voorbeelden van secundaire inzet: aangezichtstrauma, (corpus alienum, stridor, Quinckes oedeem), thoraxtrauma (fladder-, hematothorax, multiple ribfracturen), shock (bloeding, cardiogeen, anaphylaxie), GCS (her-senletsel), traumatische amputatie. Bloedingen worden door de radioloog gestopt door intravasculaireinterventie.
Notulist: I. H. Go
.
Dr. W.A.H. van der Stappen, chirurg-traumatoloog CWZ.
Ontwikkeling nationaal: in 1994 zijn 11 traumacentra aangewezen nav. goede ervaringen in de USA met gespecialiseerde centra. Oorspronkelijk werden alleen de UMC’s, naast Zwolle, Tilburg en Enschede erkend. Het CWZ helaas niet, wat zich nu altijd nog vertaalt in het aantal verwezen traumapatiënten in Nijmegen: Radboud:CWZ= 300: 10. De verbeterde behandeling is te zien in de daling in mortaliteit: 1998: 1300, nu 800/jaar. De mortaliteit ligt in België 3-4x hoger, vooral ook door groter alcoholgebruik bij jongeren. Traumacentra hebben alle een mobiel team ( traumatoloog of anaesthesist met aanvullende opleiding/ verpleegkundige-navigator, piloot) , in busje en bij 4 centra ook helicopter stand- by van 7-19 uur, gefinancierd door de overheid. De helicopter van het Radboud zit nu in Vol-kel.Het bereik van de helicopter is 50-70 km. Het traumateam benadrukt een zo vroeg moge-lijke (golden hour) stabilisering van de patiënt met een zo snel mogelijk transport naar het ziekenhuis. Wettelijk moet het hoog opgeleide team (Mobiel Medisch Team) binnen 15 mi-nuten ter plaatse zijn. Alleen in Zeeland, Texel en Noord Friesland is de reistijd > 60 minuten. Er zijn 24 meldkamers.
Regionale indeling: Nijmegen zit in Trauma Regio Oost. Het CWZ zit op Level 2: alles wat no-dig is, behalve thoraxchirurgie. Het CWZ opent binnenkort een nieuwe spoedeisende hulp afdeling, waarin 6 plaatsen voor SEH-artsen in opleiding, achterwacht voor de traumatolo-gie, collumcare (de grootste groep wordt gevormd door de heupfracturen) en de nieuwste ontwikkelingen in dit vakgebied.
De SEH-artsenopleiding: - 3 jaar (wordt 5 jaar met uitbreiding in cardiologie en anaesthesie). - - 50% opSEH, 50% in stages. . – in CWZ al 8 artsen opgeleid. De opleiding is bij de huidige generatie jonge artsen erg in trek. Functie kan in part-time.
Collum care: heupfracturen worden op de SEH al behandeld in een totaalplan: antidecubitus-behandeling, geriater en andere specialisten in consult, herziening medicatie, evaluatie voedingstoestand, pijnbestrijding, planning operatie, dagelijks fysiotherapie, doorloop naar verpleegtehuis (Margriet). De behandeling gebeurt met ongecementeerde kop-hals-prothe-se, hoek-stabiele platen ingebracht via minimale- invasieve technieken met reductie van wondinfectie. Er is een goede samenwerking met de orthopeden.
Er is een onderscheid tussen primaire en secundaire inzet. Voorbeelden van primaire inzet zijn: handbeklemming, schotwond, penetrerend letsel. Voorbeelden van secundaire inzet: aangezichtstrauma, (corpus alienum, stridor, Quinckes oedeem), thoraxtrauma (fladder-, hematothorax, multiple ribfracturen), shock (bloeding, cardiogeen, anaphylaxie), GCS (her-senletsel), traumatische amputatie. Bloedingen worden door de radioloog gestopt door intravasculaireinterventie.
Notulist: I. H. Go
.
Abonneren op:
Posts (Atom)