Agenda 2026

1 april Toine Lagro-Janssen: Sekse- en gendersensitieve geneeskunde
6 mei de heer en mevrouw Bots: Madame de Maintenon
3 juni Zomerborrel
In juli en augustus géén bijeenkomst
2 september Martin Schuurmans: Paranormale verschijnselen
7 oktober Theo Voorn: Gehoorapparaten
4 november Gert van Dijk: titel volgt
2 december nog onzeker.

Blogarchief

maandag 6 november 2017

Abstract 

Kleine en grote tafelgeneugten in de Gouden Eeuw in Nederland, 

Dr. H. Deleu.

Een culinaire en culturele speurtocht op schilderijen uit de Hollandse Gouden eeuw. Samenstelling van de dis; verborgen Calvijnse vingerwijzingen.
Geschat aantal schilderijen in de 17e eeuw is 4-6 miljoen; in de 18e eeuw minder, want Lodewijk IV overleed en de welgestelden trokken naar  steden, waar zij rijke stadsvilla's bouwden. Edelen bekleedden de muren met geverfd linnen en burgers met aardewerk borden. Schilderijen met allegorien en mythologische afbeeldingen  hadden de hoogste waarde, daarna historische beelden,  landschappen en portretten werden minder gewaardeerd. In stillevens zag men gratie en schoonheid, maar soms ook subtiele Calvijnse aan-wijzingen. Calvinisme is een christelijke humanistische ethiek, waarin  katholieken en protestanten zich konden vinden. Toch is de invloed ervan beperkt gebleven. Maaltijden trof men vaak op afbeeldingen aan. Zo ook in 1066 op het borduurwerk van Bayeux en in 1470 afbeeldingen van badstoven met planken waarop maaltijden  werden uitgestald. Veel werd vis en gevogelte gegeten. Op de vismarkt kochten rijke dames vis in, gewapend met een mof, geparfumeerd tegen de stank. Meestal werd 1x per week vis ingekocht. De armen aten spiering en spekbokking, de rijkeren kreeft, oesters, en alle soorten vis. Kreeft en oesters waren echter niet zeldzaam, zalm was zelfs een vrij ordinaire vis. Zo schilderde MichielMeervelt in 1611 schutters aan een maaltijd met kreeft op de voorgrond. Als ontbijt at men brood, voor de lunch een eenvoudige warme maaltijd, de rijkeren met groenten. Ook bij de avondmaaltijd at men brood; aardappelen en rijst waren er nog niet. Het calvinisme verbood uitheemse kruiden.                                                                                                         Gegeten werd met de hand, een vork was een belediging voor de Heer. Het servet kwam pas later ; daarvóór  was er een languière ( een strook linnen rond de hele tafel) of werden de handen afgeveegd aan de vacht van een passerende hond.                                                                                      Wat was er niet in de 17e eeuw: chocolade, koffie, tomaat, aardappel, en truffel (pas in de 18e eeuw). Onbetaalbaar : suiker, Rhijnse wijn, bloemkool, selderij, artisjokken.                                                     Delicatessen waren: ramsballen, schaaps voeten, tong. knoflook in de 17e eeuw. Buitenlandse kritiek op de tafelgewoonten in de republiek waren: hoed aantafel, boeren. Lepel en mes waren er al, maar vork pas eind 17e eeuw. De grote kanten kraag werd rond 1640 vervangen door een plat boordje. Glazen : fluitglas, pasglas, vleugelglas, molenbeker voor wijn, drinkkom. Op tafel zag men de Nautilusschelp (gebracht door de VOC) versierd met metalen ornamenten.Gekleurde schilderijen werden in tijden van drukte vervangen door een monochroompje, alleen bruin van kleur.                  Rijkdom werd van 1640-1660 uitbundig aan tafel getoond. Abraham van Beijen schilderde een pronktafel met kreeft, oesters, maar ook als waarschuwing, dat men zijn straf niet ontkomt, een muis op de rand van de tafel.


Geen opmerkingen: