Agenda 2026

1 april Toine Lagro-Janssen: Sekse- en gendersensitieve geneeskunde
6 mei de heer en mevrouw Bots: Madame de Maintenon
3 juni Zomerborrel
In juli en augustus géén bijeenkomst
2 september Martin Schuurmans: Paranormale verschijnselen
7 oktober Theo Voorn: Gehoorapparaten
4 november Gert van Dijk: titel volgt
2 december nog onzeker.

Blogarchief

woensdag 11 november 2015


Abstract Prostaatcarcinoom, dr. R. Somford, uroloog CWZ 7 Oktober 2015

De diagnostiek en therapie van prostaatcarcinoom is een groeimarkt. Inleider is 2 jaar geleden gepromoveerd op MRI onderzoek en prostaatca. Bnnen Santeonverband is er een samenwerkingvoor onderzoek. Bij mannen is het met longca de meest voorkomende vorm van carcinoom.

Incidentie:

Borstca
14291
† 2097
Longca
11870
† 10322
Prostaatca
11158
† 2566

De mortaliteit is dus niet zo hoog, maar het kan wel een lijdensweg zijn met botmetastasen.

Diagnose:  PSA is geen tumormarker: het maakt geen onderscheid tussen insignificant en significant ca en is niet opgenomen in de richtlijnen als screenmiddel. De kinetiek geeft echter wel een betere screening. In de vervolgdiagnostiek: biopten, MRI: isbelastend, duur en niet zonder risico.                                
Op populatieniveau reduceert opeenvolgende PSA screening wel een reductie in mortaliteit > 20%. De richtlijn is dan eerst biopten, daarna pas MRI. Meerdere kleine biopten geven een grotere trefkans, maar kunnen toch nog een groot carcinoom missen. MRI gerichte biopten geven bij 62% afwijkingen en minder misclassificatie van de Gleasonscore. Met MR-TRUS fusie, waarb ij MRI-beelden worden geplakt in een echo kan nog verdere verbetering worden bereikt. Biopsie kan onder locaal anaesthesie transrectaal Er is dan echter een grotere kans op infectie met prostatitis en zelfs sepsis. Perineaal prikken heeft daarom de voorkeur, maar dit kan niet onder locale verdoving. een op MRI zichtbare tumor is meestal aggressief.

Behandeling: actieve surveillance, Radicale prostatectomie, Externe radiotherapie, Castratie.                      
Tot het 75e jaar is prostatectomie een optie; > 75e jaar overleg arts-patiënt. Vaker bestralen, nooit radicale protatectomie. Robot gestuurde radicale prostatectomie: oncologisch gelijkwaardig, korte opname, minder bloedverlies, sneller herstel van continentie en potentie. Cryochirurgie alleen bij locaal recidief.

Bij 33% gemetastaseerd ca : Hormonale Therapie kan chronische hoofdpijn geven. Is begonnen na Orchidectomie in 1941. Radicale prostatectomie → 70% genezing. 1996 Mitoxantron→ betere Quality of life. Antiandrogenen (flutamide) en LHRH antagonisten kunnen een betere overleving geven.

Bij castratieresistent ca: aberateron en prednison combineren met cytostaticum docetaxel of cabazitaxel. Bij botmeta's Radium 223 locaal. Enzalutamide kan uitstel van chemotherapie geven. Met al deze middelen kan overleving met 4 maanden worden bereikt.  Docetaxel kan bij gemetastaseerd ca. een overlevingswinst van 17-22 mnd. geven. Complicaties van de therapie zijn osteoporose en metabole afwijkingen.

In het CWZ worden > 150 radicale prostatectomien per jaar (8% van NL) uitgevoerd. Behandeling en onderzoek worden verricht in Santeon verband.


Geen opmerkingen: