Abstract De Nederlandse bijdrage aan de Ontwikkeling
van de Neurochirurgie in Indonesië
door
A.Keijser, Sajid Darmadipura, J.A.N. van der Spek.
1 mei 2013
Drie vragen worden besproken :
-
Hoe zijn de Nederlanders in Indonesië gekomen?
- Hoe is de ontwikkeling van de Gezondheidszorg in Indonesië
geweest?
- Hoe is de neurochirurgie in Indonesië tot stand gekomen?
De Nederlanders zijn
met Cornelis de Houtman (1565-1599) voor het eerst in 1596 naar Indië ge-gaan,
omdat zij door een blokkade van
Lissabon door Philips II, aldaar geen
specerijen meer konden kopen van de Portugezen, die al lang in het Oosten van
Indië hun contacten hadden. De VOC werd opgericht in 1602 met een hoofdkantoor
in Amsterdam en kreeg een octrooi op de specerijenhandel als staatsbedrijf. Vanaf
die tijd vestigde zich de VOC in Indië waar de Portugezen werden verdrongen .
Toen In 1798 de VOC failliet ging werd het bewind daar overgenomen door de Bataafse Republiek en vervolgens
later , in 1813, door het Koninkrijk der Nederlanden.
De gezondheidszorg vond
in Indië op 3 niveaus plaats: de Indonesische geneeskunde werd beoefend door kruidendokters
(Doekoens),m.b.v. massage en bezweringen, door Chinese artsen met diag-nostiek
door voelen van de pols en behandeling met kruiden en acupunctuur en door de
Europese chirurgijns, die aanvankelijk als scheepschirurgijn meekwamen, maar
later ook verbonden waren aan de versterkte plaatsen van de VOC. Echte doctores
medicinae kwamen zelden naar Indië. Een
uitzon-dering was Jacob Bontius die in
de 17de eeuw een zestal jaren daar verbleef en ook een
geneeskun-dige verhandeling schreef. Wouter Schouten monsterde in 1658 als chirurgijn aan op een schip van de VOC. Terug in Haarlem schreef hij later op grond van zijn
ervaringen een uitgebreide verhande-ling over traumatische
schedel-hersenletsels. Later werden de
chirurgijns vervangen door officieren van gezondheid, opgeleid op de
Rijkskweekschool voor Militaire geneeskunde, eerst in Leiden, later in
Amsterdam. Inmiddels was in 1830 het KNIL opgericht. Er was weinig aandacht
voor de gezond-heidszorg voor de inlandse bevolking totdat in de 19de
eeuw omvangrijke epidemieën de noodzaak daarvan duidelijk maakten. In 1850 werden er in Nederlandsch Oost Indië de volgende aantallen gezondheidswerkers
geteld; 11.421 doekoens, 268 chinese
artsen, 128 militaire officieren van Ge-zondheid en 29 civiele artsen. Willem
Bosch (1818-1854), kolonel arts en hoofd van de Militair Ge-neeskundige Dienst,organiseerde in 1850 een opleiding voor inlandse
vaccinateurs en inlandse ge-neeskundigen( dokter Djawa), die Indonesisch
gekleed dienden te blijven en zo een brug konden vor-men naar de inlandse
bevolking, die argwanend stond t.o.v. de Westerse Geneeskunde. Er waren in die
tijd 3 grotere militaire hospitalen , n.l. in Batavia, Semarang en Surabaja. De
opleiding van de inlandse
geneeskundigen vond plaats in het Militair Hospitaal in Weltevreden met
Officieren van Gezondheid als leraren. De duur van de opleiding was
aanvankelijk 2 jaar, later 5, en uiteindelijk 7 jaar. De uitbreiding van het medische onderwijs ging gestaag:1853 de
Dokter Djawa school: rond 1900 de
STOVIA ( School tot Opleiding van Inlandse Artsen), 1920 de Centrale
Burgerlijke Zieken-inrichting ( nu Academisch ziekenhuis), met daarnaast het
nieuwe STOVIA gebouw dat in 1927 tot Geneeskundige Hoogeschool word
getransformeerd , en nu sinds 1950 de
faculteit voor Genees-kunde huisvest.
Het Eijkman Laboratorium voor Pathologische Anatomie en Bacteriologie,op
het-zelfde terrein, functioneert ook nu
nog, zij het met een andere taakstelling.
In 1913 werd in Soerabaya de NIAS (Ned.Indische Artsen School )
opgericht met eenzelfde doelstel-ling als de Stovia in Batavia. Ook deze
instelling heeft zich tot medische faculteit ontwikkeld ( van de Airlangga
Universiteit) (onze co-auteur Sajid is
hier na zijn emeritaat als hoogleraar neurochirurgie, ook nu nog actief als
leerstoelhouder in de Medische Ethiek). Het CBZ van Surabaya , dat oorspron-kelijk gelegen was op Simpang, werd later verplaatst en heet thans
het Akademisch Dr. Sutomo ziekenhuis. Nadat sinds 1906 er subsidiemogelijkheden
ontstonden ter ondersteuning van het stichten van particuliere (lees: missie en
zendings-) ziekenhuizen, is het aantal ziekenhuizen dat ook ter beschikking van
de Inlandse bevolking stond aanzienlijk
toegenomen. Ook de aan onderneming-en (zoals plantages ) verbonden ziekenhuizen
mogen niet onvermeld blijven. Gedurende
de Japanse bezetting van 1942 – 1945
werd het leeuwendeel van de geneeskundige zorg verricht door
Indone-sisch medisch personeel, vaak onder leiding van Japanners.
Op 17-8-1945 volgde de
onafhankelijkheids verklaring van Indonesië door Sukarno en Hatta. De
neuropsychiater Van Wulfften Palthe die vanaf 1930 in Batavia als zenuwarts had gewerkt, en C.H. van Lenshoek, die zelf geboren was
in Semarang en als neurochirurg in Amsterdam werkte, maakten in 1945 een plan
om te voorzien in neurochirurgische zorg
in Indonesië. In Nederland had de neuro-loog Brouwer in 1929 de
neurochirurgie geïntroduceerd in Amsterdam. In het Prinses Margriet Hos-pitaal
te Batavia /Jakarta werd in 1948 een neurochirurgische afdeling opgericht. Binnen de Neuro-chirurgische Studie Club
werd door de daar vergaderde Nederlandse neurochirurgen besloten dat van de tot
dan toe in Nederland opgeleide
neurochirurgen er bij
toerbeurt steeds 1 neurochirurg
6 maanden naar Indonesië zou gaan,om daar te voorzien in de neurochirurgische
zorg. Deze voor-ziening heeft van 1948 tot en met 1953 ( dus ook na de
soevereiniteitsoverdracht op 27
December 1949) goed voldaan. Verder werd
er een afspraak gemaakt om intussen Indonesische artsen in Nederland op
te leiden tot neurochirurg, zodat die nadien deze taak op zich zouden kunnen
nemen.
De eerste Indonesische arts die werd opgeleid was Handoyo
die van 1948 tot 1952 werd opgeleid door Dr Arnold de Vet In de St. Ursula
Kliniek te Wassenaar, en die in 1953 als eerste Indonesische neurochirurg te
Jakarta ging werken. Van 1954 tot 1958 werd
Basoeki Wirdjowidjojo opgeleid door Sjel de Grood In het St. Elisabeth Ziekenhuis te Tilburg.
Dr Basoeki werd vervolgens de eerste neuro-chirurg, die in Surabaya de
neurochirurgie voor Oost Indonesië zou gaan ontwikkelen. Tussen 1962 en 1969
werden In Groningen in het Algemeen Provinciaals, Stads en Academisch
Ziekenhuis door Lenshoek , en later door Jan Beks, drie Indonesische
neurochirurgen opgeleid; Oen , Gwan Go, en Padmosantjojo. Van deze drie is
alleen Padmosantjojo naar Indonesië terug gekeerd waar hij in Jakarta ging
werken. In het Neurochirurgische Centrum Nijmegen werden o.l.v. Fons Walder
vier neurochirurgen voor Indonesie opgeleid ; Sajid Darmadipura (1971 – 1975)
,Umar Kasan (1975 – 1979) , Hafid Bajamal (1979 – 1983), en Paulus Sudiharto,
die in 1979 een stage van één jaar liep als aanvulling op zijn opleiding door
Handoyo in Jakarta. Nadat de Ursula Kliniek te Wassenaar verhuisd was naar de
Westeinde Kliniek te Den Haag kwam daar van 1981 -1982 Abdul Gofar
Sastrodiningrat , die bij Iskarno was opgeleid in Bandung, voor een stage van
een jaar bij Martin van Duinen. In 1989 liep Endro Basuki Sadjiman een stage
van één jaar bij Guus van Alphen in het Academisch Ziekenhuis van de Vrije
Universiteit te Amsterdam.
Naast deze negen neurochirurgen die na hun terugkeer
naar Indonesië de neurochirurgie in hun
vaderland verder hebben ontwikkeld, werden nog vijf Indonesische neurochirurgen
opgeleid , die , tegen de bedoeling in , na hun opleiding in Nederland bleven;
Karel Lie (Tilburg), Indra Tjaha (Slotervaart Amsterdam);Gwan Go (Groningen);Oen
(Groningen); Gjap Tan (Neuroradiologie Tilburg).
Sinds 1984 bestaat er een Indonesische Neurochirurgische
Vereniging en worden de neurochirurgen
in Indonesië zelf opgeleid. Na hun basisopleiding wordt er veelvuldig gebruik
gemaakt van buiten-landse stages en fellowships voor het verwerven van de
modernste vaardigheden en technieken. Er zijn Inmiddels in Indonesië vier
erkende neurochirurgische opleidingscentra centra; Jakarta, Surabaja, Bandung en Medan.
Er zijn nu 174
neurochirurgen werkzaam in Indonesië in 32 steden verdeeld over de gehele
archipel; desondanks bestaat er nog steeds een onderbezetting: 1 neurochirurg
op 1.400.000 inwoners ( in Nl 1/141.800). Sinds 1990 is er jaarlijks een
nascholingscursus van de Dutch Foundation for post-graduate Medical Courses in
Indonesia, waarvoor het initiatief in 1986 werd genomen door Prins Claus en de
Groningse neurochirurg Jan Beks.
I.H. Go,
notulist. / A.Keyser
Geen opmerkingen:
Een reactie posten